Gek op je gehoor? Stimuleer het!

GinkoBiloba0

Het stimuleert de doorbloeding van je gehoororganen…

GINKGO BILOBA

Toen ik 4,5 jaar geleden een ‘storing’ opliep in mijn gehoor – het rechteroor was bij tijd en wijle geheel ‘uitgeschakeld’ – schrok ik enorm. Als muzikant met hobby studio-engineering is dat iets waar je niet op zit te wachten. Twee KNO’s konden mij niet verder helpen dan testen en “….dit duidt op Ménière, mijnheer Tuyp…” Ook tinnitus kwam er nog eens lichtjes overheen; in de stilte van de slaapkamer hoorde ik een zachte zoemtoon, die evenwel constant aanhield en iemand die niet stevig in de schoenen staat, gek zou maken. Omdat ik iemand ben die bij het geringste fysieke ongemak en onmacht van onze reguliere medicijnmannen onverwijld het reguliere geneeskundige pad verlaat en door zoekt in het niet al te alternatieve, kwam ik uit bij een mesologe. Die mij later bekende er wel wat huiverig tegenover te hebben gestaan. Ik heb mijn gehoor alweer 3,5 jaar terug en, geloof het of niet: beter dan daarvoor. Ik geniet meer van mijn prachtige audioset in de huiskamer, speciaal bij klassieke muziek. De negativo’s en ratio-lovers onder ons zullen nu zeggen: subjectief luisteren. Awel, ge moogt denken wat ge wilt, nietwaar?
Maar voorwaar, ik zeg u…

Wat heeft mij van mijn tinnitus afgeholpen en mijn gehoor verbeterd?

Mentale acceptatie (stressvermindering) en Ginkgo Biloba. Dit laatste heb ik mij pas recentelijk gerealiseerd doordat een deskundige in kruiden en voedingsmiddelen per ongeluk een uitspraak deed: “Ginko Biloba stimuleert doorbloeding van m.n. je gehoororganen…” Bij mij viel op dat moment een kwartje zo groot als een sporthal. Prettig bijkomend effect – dat niet voor iedereen hoeft te gelden: ik ben minder moe als ik zo af en toe een Ginkootje nuttig…

Ginkgo Biloba is een natuurlijk product en wordt door Big Pharma waarschijnlijk niet geadviseerd. Ik kijk er al niet eens meer naar. Want alles wat uit de natuur afkomstig is en zij niet gemaakt hebben, daar zijn ze tegen. Reden temeer om het te testen, zeg ik altijd maar. We eten immers al genoeg vergif…

Windows tip: Taakplanner doet veel onder water..

20170324_5_taakplannerWin

De map HP Support Assistant stond overvol

 

 

 

 

Je Windows installatie wordt enorm vertraagd door applicaties en services die draaien zonder dat je het weet. Onder water wordt veel software geïnstalleerd en opgedatumd (updated)… Omdat ik graag beschik over de volledige rekenkracht van mijn PC, start ik updates handmatig op gezette tijden. Dus: ’s nachts.

Hewlett Packard was slimmer dan de meeste softwareboeren. Ik had de services al uitgezet, maar toch kwam die rakker na elke herlaars (reboot) weer in mijn taakbalk terecht. Wat heeft HP nu gedaan? In de Windows taakplanner – waarvan 99% van de wereldbevoling het bestaan niet kent – had HP een taakje gezet. Niet uit te roeien dus, totdat je naar die taakplanner gaat kijken.

Hoe start je de taakplanner?
Snelste manier: START > in zoekveld intikken: plann

Nederlands recht

masaal_verzet_trouw_1024Ik volg momenteel een documentarieserie “Het was oorlog” van omroep Max.
Ronduit schokkend in de laatste aflevering (gisteren uitgezonden): Sera de Croon, een van de ergste Nederlandse Nazi bloedhonden en een door en door kwaadaardige sadist, is er met een lichte straf vanaf gekomen en is als vrij man gestorven in Spanje, vredig en wel. Samen met 53 anderen maakte hij deel uit van ‘Colonne Henneicke’. Een stel premiejagers die ‘kopgeld’ van f.7,50 per slachtoffer kregen en zo’n 9000 Joden hebben verraden, gedood en gemarteld.

Op Wikipedia worden 20 namen van deze beestmensen genoemd, waarvan er 16 gratie hebben gekregen van koningin Juliana. Genoemde Sera zelfs twee keer. Van de doodstraf naar levenslang, naar 21 jaar, waarvan hij slechts tweederde heeft uitgezeten. Het waren klaarblijkelijk vriendjes van Juultje c.s.

De neef van een 26 jaar oude verzetsheld Herman Kampman heeft dit ontdekt bij naspeuringen naar aanleiding van jawel, een spreekbeurt die zijn zoon op school ging houden. De man stond zelfs nu nog te huilen voor de camera. “Dat zo’n man, die zoveel mensen persoonlijk verraden en gemarteld heeft, zijn straf ontloopt, heeft in onze familie diepe indruk gemaakt.”

Het is voor mij ronduit schokkend dat dit soort mensen hun gerechte straf ontliepen. En het gaat maar door, tot op de dag van vandaag. Ik herinner nog even aan de niet-dronken Pool die 3 mensen per ongeluk doodde met zijn auto en 120 uur taakstraf kreeg (*).

Rechtvaardigheid? Een sprookje.

(*) Bij het hoger beroep van OM is de niet-dronken Pool – die dus donders goed wist wat hij deed toen hij ‘de macht over het stuur verloor’ in een bocht die hij met 40 km te snel nam – veroordeeld tot 15 maanden cel en rijbevoegdheidsontzegging van 4 jaar. De familie van de slachtoffers, waaronder de ouders van een kind van 2, heeft levenslang.

Zelfgedokter en zorgelijke wachttijden – Deel 2

Wachten op het Waterlandziekenhuis

Voor Deel 1, klik hier. 

Onze gezondheidszorg is veranderd. Ten goede of ten kwade? Ik heb geleerd dat de zorgverzekeraar ook kan helpen, wanneer we tobben met onze gezondheid. Hier het tweede deel van mijn verhaal.

 

 

 

‘Ons’ ziekenhuis

Het schijnt dat alle Volendammers en mede-Waterlanders door hun geografische ligging zonder meer veroordeeld zijn om uiteindelijk te sterven in het Waterlandziekenhuis Purmerend. Iemand zei eens: “Als je een pistool op het hoofd van de ambulancechauffeur zou zetten, rijdt hij nog naar het Waterland.” Mijn huisarts leek bijna geïrriteerd toen ik vorig jaar aangaf er niet meer heen te willen. Mijn redenen waren eenvoudig. Allereerst had dr. De Bruijn de wereldpers gehaald na ongeveer dertig jaar misdaden tegen de mensheid te hebben bedreven onder de vlag van WZ. En ik was zelf ook tegen wat futiliteitjes aangelopen. Ik had na een tweetal persoonlijke ervaringen mijn vertrouwen definitief verloren in al wat kwam van het Waterlandziekenhuis te Purmerend. Niet alle doktoren zijn prutsers, maar het aantal dat ik in Purmerend alleen al op persoonlijke basis mocht ontmoeten, was mij te hoog.

Ervaring een
Een KNO, dr. Doornenbal, wilde mij in 2014 op basis van zegge en schrijve één gehoortest zonder verder onderzoek een gehoorapparaat aanpraten. Ik weigerde het slachtoffer te worden van kruideniers die voor dokter spelen en ging op zoek naar een deskundige tweede mening (second opinion, je moet het ook in het Engels zeggen..). Ook de veronderstelling van de tweede geraadpleegde KNO, dr. Dennis Cox (namelijk de ziekte van Menière), heb ik niet willoos geslikt. Daar ben ik nu blij mee. Mijn gehoor kwam weer terug bij het oude door eigen research en alternatieve behandeling. Vroeger hielpen doktoren je met dergelijke zoektochten. Nu niet meer. Zelf-dokteren kan een hoop ellende wegnemen. Ik kan het iedereen aanbevelen.

Ervaring twee
Een bejaarde ome (en een soort van tweede vader) van mij werd op basis van leugens van zijn op erfenis beluste broer onvrijwillig geëuthanaseerd. Zo leerde ik later uit een persoonlijk relaas van de intensivest (hoofd Intensive Care) aldaar. Mijn vriend – tevens neefje van de overledene, ik was eigenlijk familie van de ‘kouwe kant’ – was getuige van dit verhaal en zei mij direct toe mee te gaan naar elke rechter als getuige wanneer ik daartoe behoefte mocht voelen. Zelf-dokteren was deze keer geen optie.

De chirurg dr. Heres, en intensivist dr. Golriesing waren eenvoudig afgegaan op leugens van familie zonder verdere verificatie (waar heb ik dat meer gehoord?). De Boze Broer belde mij de middag na de in Purmerend vrij snel afgesloten Wansee-conferentie rond half zes en liet weten dat de chirurg het een verstandige beslissing had gevonden. Tja, die was immers misleid en had nagelaten het verhaal van de liefdevolle broer te verifiëren. De door het slachtoffer gewenste (!) en voorgenomen operatie was daarmee geannuleerd. Ome was anders vast en zeker een kasplantje geworden. Een loeisterke oud-visserman die altijd een onwaarschijnlijk hoge pijngrens had gehad. Ik wist dat, want ik had met hem gewerkt in een baan waar wel eens ongelukjes gebeuren. Vinger in de microperforatierol of zoiets. Ome Ab naar de dokter. Binnen een kwartier terug op het werk, met een ontzagwekkende verbandrol om zijn duim, waarvoor een ander twee weken ziekteverlof zou hebben opgenomen.

Het verhaal dat broerlief (zelf tweeëntachtig jaren jong) bij de doktoren had opgedist was zeer triest. Ome zou geen kwaliteit van leven meer hebben gehad, kwijlende in en uit zijn bed zijn geholpen en meer van dat fraais. Terwijl de mensen die ome wel verzorgd hadden, hem regelmatig bezochten en mantelzorg verrichtten, een heel ander beeld van ome hadden. Mijn broer en ik hadden nog regelmatig grote lol als we met hem en zijn goede vriend Ben aan een borrel zaten. En de snedige opmerkingen die deze ronduit slimme tachtiger dan met regelmaat van de klok maakte, kon je nog wel even in je zak steken. Daar was geen woord Frans bij. Plagende humor voerde bij ome altijd de boventoon. Het was dus voor ons heel triest toen hij op deze laaghartige manier afgeschreven werd.

Naderhand informeerde ik een dame die veel voor hem gezorgd had in het tehuis waar ome gewoond had over de misleiding van de doktoren omtrent omes ‘kwaliteit van leven’. Zij werd bleek en riep vertwijfeld uit: “Maar dat is helemaal niet waar!” De goede man is in Purmerend inwendig doodgebloed met wat pijnstilling om het stervensproces nog drie dagen te kunnen rekken.

In mijn rol als contacpersoon was ik gedurende zijn verblijf in het ziekenhuis dagelijks na mij werk bij ome Ab langsgeweest en onderhield alle contacten met het ziekenhuis gedurende een vijftal dagen. Ik was echter juist vóór de dodelijke beslissing uit mijn functie als contactpersoon ontheven zonder verder kennisgeving.
’s Middags om een uur had ik nog een telefoongesprek met de intensivist (“Wij gaan opereren, want er is een inwendige wond opengegaan.” ) Die middag bij vijven belde ik om te vragen hoe het gegaan was en kreeg van een telefoniste te horen: “U bent niet langer contactpersoon.” Op mijn vragen omtrent het hoe en waarom, de naam van de nieuwe contactpersoon kreeg ik geen antwoord. Een ronduit schofterige manier van doen. De nalatigheid van de heren doktoren (telefoontje verzorgingshuis of huisarts ter verificatie is nooit gepleegd) heeft mijn vertrouwen in Purmerender geneesheren blijvend geschaad. Er wordt daar te gemakkelijk over levens beslist. Leeftijd te hoog, wild verhaal van een boos familielid? Uit het Waterlandziekenhuis keer je dan niet meer huiswaarts. Stressfactor nummer een.

Enige dagen later ging mijn telefoon weer. Ik had twee dagen geleden afscheid genomen en was in stilte reeds aan mijn rouwproces begonnen. Purmerender polderziekenhuis aan de lijn: “U bent toch de contactpersoon van mijnheer Tuijp? Ik wilde u laten weten dat hij zojuist is overleden.” Ik in opperste verbazing: “….Dat was ik in eerste instantie wel. Maar jullie hebben mij toch zelf verteld dat ik dat niet meer was? Staat dit niet in jullie computer, dan? En staat er ook niet in wie de nieuwe contactpersoon is?” Die naam was mij namelijk geweigerd. Het arme vrouwtje begon te stotteren en verontschuldigde zich. Kennelijk een andere afdeling. Interne communicatie in tuincentrum Waterland tussen haar en de Opruimers: nihil.

Zo’n half uur later had ik de eer de honorabele familie aan de lijn te krijgen. Op mijn condoleancebetuiging werd niet gereageerd. Ook geen condoleancebetuiging terug. Hij was toch mijn geliefde ome en spreekwoordelijke tweede vader aan wie ik door mijn ouders in naam vernoemd was. Hoe het nu verder moest met de financiën en de begrafeniskosten. De inhaligheid was aan de telefoon voelbaar. Mijn ome had het beheer van zijn financiën in het verleden nl. overgedragen aan mijn broer. Mijn broer die eigenlijk net als ik familie van de ‘kouwe kant’ was. Merk op: ome Ab vertrouwde zijn eigen broers en zusters niet aangaande zijn bankzaken. Er stond nog wat geld van hem op een bankrekening. Daar was het om te doen.

De bezorgde familie was naar eigen zeggen niet bij machte geld voor te schieten voor de begrafenis en hadden direct toegang nodig tot omes financiën. Mijn broer had omes administratie keurig op orde en droeg die direct over, terwijl de overledene nog narookte op de overlijdenstafel. De familie had haast. Er volgde voor mijn broer een periode van telefoonterreur, verdachtmaking, smaad en intimidatie. Mijn broer had een aantal jaren niets anders gedaan dan op volstrekt integere wijze te voldoen aan omes financiële wensen. Om in te staan voor mijn broers integriteit zou ik overigens mijn eigen brandstapel hebben ontstoken. In de daaropvolgende periode werd niet alleen hij, maar iedereen die iets voor ome betekend had en niet tot ‘De Familie’ behoorde voor dief uitgemaakt omdat er geld ‘weg’ was. De familie wilde geld zien. Van ons. Ook van de getuige-neef en mijn persoontje. De erfenis was niet groot genoeg. Wij zouden gestolen hebben van ome Abs erfenis. Het is goed om liefhebbende familie te hebben. Stressfactor nummer twee.

Ook best moeilijk: schuldgevoel
Daarnaast had ik 2015 een tweede moeilijke gebeurtenis te verwerken gekregen. Ik wilde iets uit handen nemen voor een van mijn beste vrienden, die terminaal was. Namelijk de verkoop van zijn geliefde zilveren ros, de motorfiets waarvan hij zoveel plezier had gehad. Ik maakte een domme fout met nogal pijnlijke gevolgen. Gevolgen die mijn vriend nog even in het volle bewustzijn mee mocht beleven. Ik heb nog altijd napijn en schuldgevoel, zelfs nadat alles mede door mijn inbreng succesvol was afgesloten. We dragen allemaal ons rugzakje mee. Stressfactor nummer drie.

Kan stress lichamelijke klachten beïnvloeden?

Stress is een soort van ninja; een uiterst bekwame sluipmoordenaar. Een geniepigerd die met diabolisch geduld zijn kans afwacht, je geestelijke danwel lichamelijke gesteldheid ondermijnt en toeslaat op een zwakke plek. Mijn rug was zo’n plek. Door een triviaal ongelukje met de motorfiets zo’n vijftien jaar geleden had ik een zwakke plek opgelopen in het rechter SI gewricht. De plaats waar je been is opgehangen aan het heiligbeen. Een cruciaal stukje skelet, mag je wel zeggen.Toen ik mijn motorfiets op stal wilde zetten, gleed mijn natte motorlaars op een gladde ondergrond weg. In spagaathouding had ik de motor opgevangen. Een domme reflex met grote gevolgen. Als ik het stomme ding had laten kletteren, was dat veel beter geweest. Wat euro’s uitgeven, repareren en zand erover. Maar het menselijk brein was in mijn geval klaarblijkelijk dusdanig geconditioneerd dat het materiële schade wilde voorkomen. En dat ten koste van lichamelijke schade, dat dan weer wel natuurlijk… Ik ving de fiets van tweehonderddertig kilo dus niet alleen op, net voordat hij de grond raakte, maar zette hem ook nog terug rechtop. Het vangen en rechtop zetten deed ik vanuit een soort spagaathouding waarbij het volle gewicht op mijn buitenste been terechtkwam. Gerard du Prie zou beslist niet achter deze krachtoefening staan. Ik had hiermee blijvende schade opgelopen aan het betreffende SI-gewricht. Op zich is daar goed mee te leven, zolang je maar wel je verstand gebruikt. Maar voeg bij zo’n blijvend zwakke plek wat stress door wat verdrietige gebeurtenissen waarbij je de keuze hebt tussen passief accepteren of zelf kapot gaan, en je hebt een recept voor fysieke schadeposten voordat je ‘koffie’ kunt zeggen.

Mijn rugzakje was dus in 2015 aangevuld met wat wrange gebeurtenissen. Meerdere spreekwoordelijke uitwerpselen van de voorzienigheid die ik moeilijk door kon slikken. Mijn bovenbeenspieren waren 8 maanden stijf gebleven zonder dat ik het goed en wel besefte. Bij het bijna achteloos losmasseren daarvan werd het geduld van de Grote Geniepigerd beloond en kreeg ik de rekening gepresenteerd.

December 2015: de persoonlijke aanpak

In de dagen na de eerste pijnaanval had ik niet passief berust. Ik had getracht om bij ziekenhuis Boven ’t IJ bij de neuroloog binnen te komen. Mijn huisarts had zijn best gedaan daar met voorrang een afspraak te krijgen, maar faalde in zijn goede bedoelingen. Door bovengenoemd verloren vertrouwen waren mijn verwachtingen in resultaten vanuit Purmerend niet bijzonder hoog gespannen. Ik besloot het verder te gaan zoeken in de geprivatiseerde gezondheidssector. Daarnaast zou ik alles wat alternatief was proberen.

Nu had ik eerder uit de uiterst zorgvuldig gekozen bewoordingen van fysiotherapeut en huisarts begrepen dat mijn klacht waarschijnlijk vanuit de rug moest voortkomen. Maar ook begreep ik dat de pijnklacht en uitstralingen eigenlijk niet klopten met een hernia. Ik telde wat zaken uit het verleden en heden bij elkaar op en ‘koekelde’ (“Googelen”;). Op het Grote Web vond ik de kliniek van dokter Iprenburg, specialist in hernia-operaties. Zij vroegen een recente MRI-scan van de Lumbale Wervelkolom (LWK). Deze was op 4 december om acht uur ’s avonds (Zwarte Piet niet blij, en Sinterklaas al helemaal niet..) gauw gemaakt bij MRI Centrum aan het IJsbaanpad in Amsterdam. Na afloop van het scanprocedé een meer dan grote zucht van verlichting; je moet stil liggen en mijn achterpootje begon in die buis het stilliggen behoorlijk zat te worden. Er leek ergens in mijn kapotte computer te zijn besloten om het stilliggen niet langer te dulden en de voorbereidingen van wat flinke, geniepige pijnscheuten werden aangekondigd in mijn brein. Dit zou betekenen dat de scan opnieuw moest. Ik probeerde uit alle macht er geen aandacht aan te schenken. Enerverend. Toen het ik het op wilskracht had uitgehouden, was de opluchting bijna een gevoel van ontlading zoals via het geslachtsorgaan. Toen de week erna de CD bij huisarts binnenkwam, had ik die vrijdag de bestanden op Dropbox geplaatst en gemaild aan de kliniek Iprenburg.

De maandag erna (Hoe heerlijk en tegelijk vreemd vlot, deze reactie!) telefoontje van Iprenburg. “We zien een uitgebreide hernia.” Het woordje ‘uitgebreid’, opgeteld bij het feit dat de onkosten niet door verzekering vergoed zouden worden, deden mij overdrachtelijk struikelen. Ik had veel pijn, maar slechts in mijn bovenbeen. Met een uitgebreide hernia kunnen de meeste mensen veelal niet lopen. Ik was bang voor ‘triggerhappy’ danwel snijgrage doktoren. In Duitsland is aangetoond dat zo’n negentig procent van de hernia-operaties ‘easy money’ zijn. Tot negen operaties per dag door een snijder die er een dikke beurs aan overhield..

Verzekeraars: kunnen die hulp bieden, dan?
Een tip van vriendin Monique Molenaar opgevolgd en de zorgverzekeraar werd om hulp gevraagd. Een aanvraag tot zorgbemiddeling bracht mij een telefoontje van de verzekeraar. Een poging tot bespoediging (in Purmerend) kon helaas geen vreugde brengen, aangezien het eerstvolgende onderzoek ‘al’ over 2 weken zou plaatsgrijpen. Zij wilde echter graag weten wat de op 24 december verwachtte uitslag zou zijn. Ik nodigde haar uit mij dan terug te bellen.

Pijn = druk. Snellere alternatieven?
Intussen had ik nog steeds pijn. Er ontstond een dagelijkse routine. Nadat ik in mijn grote vriend de ligfauteuil ontwaakt was en met mijn laptopje van/voor mijn werkgever het mogelijke thuiswerk had gedaan, wijdde ik uren aan onderzoek naar goede klinieken. Intussen kwam er iets anders goeds op mijn pad. Een publicatie op Facebook deed mijn telefoon rinkelen. Vriend Erik Kras aan de lijn. “Weleens gehoord van Jan Bommie, Ab?” Ja, vaag. Erik: “Ik was gebroken, kon niet meer op of neer van de rugpijn. Ik ben door hem slechts één keer behandeld en kon weer zonder problemen functioneren.” Als je genoeg pijn hebt, ga je in wanhoop ook aan de dakgoot hangen wanneer iemand zegt dat dat goed is. Jan bleek op een steenworp afstand van mij te wonen. Ik besloot het erop te wagen en heb onverwijld Jan gebeld. Een sportmasseur die zich gespecialiseerd had in o.m. de Bowen-methode, door een Australische chirurg ontwikkeld. Op de behandeltafel bij het onderzoek moest bepaald worden hoeveel kracht er nog in het gekwetste pootje aanwezig was. No pain, no gain. De behandeling echter was (ook latere keren) zo mild en voorzichtig als ging het om een pasgeboren baby. Kortom: de eerste keer dat ik er was, strompelde ik op krukken binnen en liep zonder krukken naar huis. Wonderlijk. Niet minder dan dat.

Deel 3 volgt.

Zelfgedokter en zorgelijke wachttijden – Deel 1

dokter

Mijn ouwe tante Grietje zei vroeger al: “…je moete je eige dokter weze….”
Ik had nooit kunnen vermoeden hoeveel waarheid haar woorden zouden gaan bevatten. Pure noodzaak door een in zijn voegen krakende gezondheidszorg waarvoor we in Nederland ook nog eens financieel kaalgeplukt worden.
Er was eens…. een lichamelijke klacht. Mijn verhaal.

Maart 2015 – een val

Ik maakte in maart 2015 een val. Knie en bovenbeen bleven lang stijf. Erg lang, achteraf bekeken; 8 maanden. En ik wist het niet. In mei op vakantie de Grand Canyon te voet afgedaald en weer terug. Pootje links voelde stijver dan het andere. Maar na enkele dagen wordt de verzuring weer afgevoerd en ga je door met genieten van het leven van alledag. Ik had geen pijn, dus dacht er niet aan om naar een dokter of fysio te stappen.

Oktober 2015 – quadriceps losmasseren

In oktober kwam ik voor een vraag bij een fysiotherapeut, die en passant constateerde dat mijn bovenbeenspieren wel erg hard waren. Er werd losgemasseerd en “dry needling” toegepast. Dit was op 1 specifieke plaats veel te gevoelig; ik vloog van de bank als was ik Linda Blair (The Excorcist). Vanaf die dag begon het feest. De pijn in mijn bovenbeenspieren werd gestadig vervelender. Wat begon met zenuwprikkelingen werd later zenuwpijn. Althans, dit begreep ik pas later. Tot voor kort wist ik nog niet wat zenuwpijn was.

November 2015 – pijnopbouw

Mijn nachtrust raakte nu continu verstoord. Een mens draait in zijn slaap wat af zonder het te weten, maar bij mij ging dit niet echt ongemerkt meer. Als ik met het gekwetste linkerpootje afzette om op mijn geliefde rechterzij te gaan liggen, schoot ik wakker totaan het plafond. Het was dan alsof iemand met een groot, bot keukenmes in mijn bovenbeen kerfde. Een paar van deze ontwakingen en je voelt je ’s morgens als een geplette tomaat. De fysio besloot dat ik naar de neuroloog moest gaan voor een beeldvormend onderzoek. De fysio dacht zelf aan een beknelde zenuw in de heup die vanuit de rug moest komen. Hij zou later 100% gelijk krijgen, en probeerde nu met druk in de onderbuik en liesstreek de zenuw te manipuleren. Met als gevolg: achteruitgang, meer pijn. Gaande het procedé van klachtentoename kreeg ik hoegenaamd niet of nauwelijks informatie meer los van zowel fysio als huisarts. Ik had mailcontact met fysio en het privénummer van mijn huisarts gekregen. Ze wilden helpen, maar meer dan pijnstilling was kennelijk niet mogelijk. Het leek bijna alsof zij bang waren dingen uit te spreken die zij niet konden verantwoorden. Na veel vragen mijnerzijds begreep ik uiteindelijk dat ik een niet-alledaagse klacht had. Waneer er namelijk sprake zou zijn van een hernia, klopte de pijnklacht hier niet bij. Er zou uitstraling moeten zijn naar de voet. Die uitstraling was er dus niet. Heb ik dat weer? Een klacht die niet in het boekje staat? Ja, dus.

Do 26-11-15: afspraak neuroloog dr. Reinders
De pijn was nog niet ondraaglijk, wel al best vervelend. De neuroloog dr. Reinders van het door mijn buurman Jaap Mol zo geliefde Waterlandziekenhuis kneep eens wat in mijn been en streelde er met een kippenveer overheen. Of ik wat voelde. Ja. De huid die op bepaalde plaatsen dood aanvoelde, registreerde nog wel iets, dus ja, ik voelde wat. Welnu, er zouden wat tests volgen om aan te tonen hoeveel informatie de zenuwen in mijn been nu wel en niet doorlieten. De afspraken werden gemaakt. Ik zou in totaal 3 keer terug moeten komen en 4 weken moeten wachten alvorens een uitslag te vernemen. Ik liep toen nog niet met krukken.

Vr 27-11-15: orthopedisch schoenmaker
Omdat je wanneer je pijn hebt, de wereld afsjouwt vanuit de luie stoel met Google, zat ik wel stil, maar mijn vingers en de computer niet. Je betheoretiseert alle denkbare mogelijkheden, dus ook bekkenscheefstanden en beenlengteverschillen. Op naar de orthopedisch schoenmaker. De man hoorde mijn verhaal aan. Van oktober 2013 tot half 2014 een hardloopgril; ik was aan het rennen geslagen. Na veel rugproblemen in het verleden was ik met hulp van Sport & Therapie Jeroen Bijman in Purmerend steeds verder opgeknapt. Ik had de racefiets weer mogen bestijgen, de skeelers weer aangegord en low and behold: ik ging weer hardlopen! Iets dat mijn allerstoutste dromen verre overtrof. Serieuze voorbereidingen waren destijds getroffen: hardloopinstructie van een therapeut en schoenen van Runnersworld. De orthopedisch schoenmaker luisterde het verhaal uit, maar vertelde het al bij binnenkomst aan mijn schoenen te hebben gezien. Hij was even kort als helder in zijn betoog: al mijn huidige problemen waren veroorzaakt door verkeerde hardloopschoenen. Ik moet zeggen dat zijn uitleg en videobeelden zeer overtuigend overkwamen.

Za 28-11-15: oefeningetje funest
Na een weinig soepele en lang niet pijnvrije wandeling in het dorp met mijn vrouw, dacht ik dat het wellicht slim zou zijn om, nu de spieren warm waren, wat grondoefeningen te doen die ik nog kende van de core-stability trainingen die ik in het verleden gevolgd had. Ach, wat wil je? Je weet niet wat het probleem is, de medici tasten in het duister, de neuroloog laat 4 weken op zich wachten en je hebt pijn. Dus je gaat zelf maar proberen uit te dokteren wat wel en niet goed werkt. Ik heb vroeger veel gesport en geloof niet in passiviteit en angst voor pijn als het aankomt op fysieke ontwikkelingen. Maar deze keer zat ik mis. De summiere oefeningetjes die ik had gedaan waren achteraf gezien funest geweest. Gaande de zaterdag werd de pijn erger en vervelender. Ik ben die avond naar bed gegaan met een zetpil van 1000mg Paracetamol en 400mg Ibuprofen. Daar slaapt een olifant ook goed op, zo verzekerde een vriend mij kort geleden.

Zo 28-11-15: foltering
6:30: Wakker. Pijnvrij geslapen! Ik was stomverbaasd en dacht: niet slecht, Ab! Ik helemaal blij. En de gedachte had nog maar net mijn grijze hersencellen beroerd, toen het begon. Langzaamaan, steeds meer, steeds erger. De pijn in mijn buitenste bovenbeenspier kwam op als het bekende sneeuwvlokje dat eindigde in een allesverwoestende lawine. Er werden spijkers en botte messen in mijn bovenbeen gestoken, waarna er vervolgens flink mee geroerd werd. Ik stapte kreunend uit bed in een werktuiglijke poging van houding te veranderen. Mijn vrouw schrok wakker en ik ging binnen seconden over van kreunen naar praten. Dat praten werd schreeuwen. Een kwartier lang heb ik in bed helse pijnen uitgestaan in mijn achterpootje. Zij- en voorkant bovenbeen werden voor mijn gevoel opengereten en met pincethoeveelheden tegelijk ontdaan van inwendig weefsel. Alsof mijn been vezel voor vezel ontleed werd. Zonder verdoving. Ik ging kapot. Zo moest het voelen wanneer een school piranha’s je botten kaalvreet. Toen mijn vrouw zag dat mijn mond stijf werd, besloot ze dat het tijd werd om het noodnummer 112 te bellen. Ik had de tegenwoordigheid van geest om tijdens het telefoontje van mijn vrouw ondanks de pijnaanval gelijk maar weer een zeppelin van duizend milligram in mijn zonnetje te rammen in de hoop dat dit verbetering zou geven. Dat zou nog ongeveer nog een tweede kwartier duren. Het langste kwartier van mijn leven. Vijftien minuten waarin ik voor vijftien jaar pijn heb gehad. Mijn vrouw kon zich aan de telefoon niet verstaanbaar maken bij de noodcentrale door mijn geschreeuw van pijn. Zij was zo geschrokken dat ze tijdens het wachten op de noodarts buiten een enorme lucht wilde scheppen en in de struiken overgaf van de schrik, opgedaan in het laatste half uur.

7:15 De noodarts. Dr. Haverkamp met een compaan aan mijn bed. Ik kon me nauwelijks verstaanbaar maken door mijn stijve broodmolen. Ook mijn handen deden spastisch. Ik kon niets vasthouden. Later begreep ik dat dit door hyperventilatie kon worden veroorzaakt. Haverkamp: “Kunt u staan?” Ik stapte uit bed en mijn been werd weer afgerukt onder de heup. Maar ja, ik kon dus staan. Zolang ik maar niet bewoog. Maar zover reikte het onderzoek van Hendrik Haverkamp al niet meer. “Neemt u maar pijnstilling en zoek contact met de huisarts.” Ik kreeg het op dat moment niet voor elkaar het te zeggen, maar dacht: wat kwam de man hier eigenlijk doen? Dit had ik zelf ook wel kunnen bedenken.

8:30 De pijnduivel had van de zetpil van duizend milligram geen geld terug en was weer even uitgeschakeld, maar loerde op een snelle manier om wakker te worden. Ik belde nu zelf de huisartsenpost. Vrouwtje aan de lijn. Ik: “Wordt dit gesprek opgenomen?” Ja. Ik weer: “Ik wilde even mijn stem laten horen. Dr. Haverkamp heeft namelijk zojuist iemand anders gehoord. Ook wilde ik laten weten, dat wanneer er iets met mij gebeurt, ik dr. Haverkamp hiervoor verantwoordelijk hou.” De stem vroeg een ogenblik geduld, want zoals het goede telefonistes betaamt, mocht zij hoogstwaarschijnlijk niet zelf denken. Ik kreeg de regie-arts aan de lijn. Laat dit nou net mijn eigen huisarts zijn, dr. Iflé. Of ik langs kon komen.

9:40 Huisartsenpost, op krukken. Met hulp van mijn buurman Gernot in een angstwekkend grote BMW SUV maar Purmerend, waar ik ondanks de hoge instap met helse pijnen in en uit ben gekropen. Ik kreeg een injectie in het been en een vracht Tramadol, Diazepam en Ibuprofen mee. Het hielp allemaal ontstellend weinig. Thuis werd het zitten in de relaxfeauteuil. Dit zou 3 weken duren, inclusief ’s nachts. Mijn vrouw had die zaterdag een paar krukken gekocht, waarvoor ik haar tot mijn laatste levensdagen dankbaar zal blijven. Alles was pijnlijk: zitten, liggen, bewegen, hoesten, poepen, plassen, niezen, lachen. Het gaan zitten op de pot en weer opstaan werd structureel beloond met het uitscheuren van een groep spieren en zenuwen in mijn bovenbeen. Ik kon alleen maar proberen gefixeerd in één houding in mijn stoel te blijven hangen om scheurende pijnen in mijn bovenbeen en heupstreek te vermijden. Vermoeiend is dat.

Vervolg: Deel 2

Magic Mouse 2 laten vallen…

Magic-Mouse-2 openmaken

 

Tja, dat was dus lekker slim.

Ik laat eerst mijn oude muis vallen, koop de nieuwe en laat die ook vallen.
Maar… soms heb je gewoon mazzel.
De oude MM bleek niet kapot, maar haperde gewoon doordat de Bluetoothverbinding niet lekker zat. Heeft kennelijk toch een soort van line-of-sight nodig. Vreemd, voor Bleutooth..of heeft deze specifieke muis nou net een kort lontje met blauwe tanden?

De nieuwe muis was dus bij het enthousiast openen van de verpakking uit mijn vingers gegleden. De metalen schaal aan de onderkant verbogen, waardoor het rechtsklikken niet meer werkte. Shit….dacht ik. 90 euro naar de haaien. Winkelier Cooblue kon uiteraard niets doen met coulance voor een goede klant, dus de keuze was eenvoudig: weggooien of zelf proberen. Ik koos voor het laatste.

Met gevaar voor eigen leven en kapotte nagels de muis geopend en de verbogen metalen schaal in de bankschroef met tederheid in model teruggebogen. Het lukte zowaar; rechtsklikken ging weer. Alleen wilde de Mac nu het apparaat niet meer zien…
Shit… hebben we dat weer.

De oplossing: met draadje even koppelen aan de computer.
’t Apparaat werd herkend en na opladen werkt het ding toch een stuk prettiger dan de oude. Die nu tot reservemuis is gedegradeerd.

Ik ben toch wel erg gecharmeerd van Apple spullen.

Zenuwpijn

beenpijnZenuwpijn is niet fijn.
Wat is dat, zult u denken, zoals ik dat ook deed tot voor kort. Ik weet nu wat het is. Het is een gemene, scherpe pijn. Deed mij onwillekeurig een beetje denken aan seppuku, de rituele zelfmoord der samoerai in vroeger tijden, waarbij de buik horizontaal werd opengesneden, gevolgd door een verticale snede naar het hart.

 

 

In mijn geval voelde het alsof er met messen werd gekerfd en rondgespit in de spieren van mijn bovenbeen, om vervolgens de blootliggende spieren en pezen uit te rukken. Mijn hemel, wat kan dat een pijn geven.

Een beknelde zenuw

OK, wij mensen vinden het op een of andere verknipte manier toch fijn om de naam te kennen van de beul die ons zo grondig en langdurig pijnigt. Naast een hernia had ik dus een beknelde zenuw in mijn heup en gezien de gevonden symptoombeschrijvingen bij de vrienden van Koekel hou ik ook nog rekening met een verwaarloosde spierverkleving.

En nu?

Een beknelde zenuw geeft dus pijn, veel pijn. Maar nu we het weten: wat nu? Hoe nu verder? Is er iets aan te doen? Gaat het lang duren? De neuroloog van het Waterlandziekenhuis reageerde in mijn geval letterlijk schouderophalend. Misschien omdat ik hem te kennen gegeven had het niet echt te hebben gewaardeerd dat ik – krimpend van pijn – 4 weken geduld had moeten hebben en 3 keer terug heb moeten komen voor de uitslag van twee testjes die niet meer dan een half uur duurden.

Het enige dat gedaan kon worden om de pijn te verlichten, was een spuit in de zenuw om de zwelling te verminderen en de boel tot bedaren te brengen. Klonk mij lachwekkend in de oren na 4 weken. Een gevalletje mosterd na de maaltijd. Inmiddels ging het door alternatieve behandelingen en veel wandelen al een stuk beter.

Die 4 weken waren een soort van voorarrest. Zonder spuit. Ik had eenvoudig geen andere keus dan de pijn te ondergaan. Pijnstilling had ik al vrij vlot gestopt, aangezien die niet hielp en de lijst met bijwerkingen vele malen langer was dan de wekelijkse kassabon bij de supermarkt.

Medisch

Het is in elk geval wel fijn om te weten dat we een goede steun in de rug hebben als onze gezondheid in  het geding komt. Waterlandziekenhuis. Na een derde slechte ervaring in één jaar voelt het betreden van dit ziekenhuis voor mij lijnrecht tegenovergesteld aan dat wat het zou moeten zijn, nl. een plaats van toewijding en zorg. Doktoren zoeken net zover als hun neus lang is. De KNO begon tegen mij over een gehoorapparaatje, ik heb mijn gehoor inmiddels weer terug. De neuroloog komt na 4 weken met pijnbestrijding aankakken, meer niet. Het leven van een bejaarde werd tegen diens wil beëindigd op basis van leugens door erfenisjagers.

Een auto bij de garage wordt beter verzorgd.

MuzikantenMijmering – Eerbaar publiek: Dick de Boer

dorus

(Bewerking eerder gepubliceerde post op Facebook met opschrift: Muzikantenherinneringen. )
Tijdje gezocht..gevonden!
Mijn verhaal bij dit stuk, een leuke herinnering.
Largo al Factotum

 

(Bovenstaande foto geplaatst bij gebrek aan een foto van Dick de Boer.)

Feestje spelen?

In de tijd dat er nog geen mp3 orkestbanden bestonden – en van deze muziek al helemaal niet – en er nog bruiloften werden gegeven, speelde ik in Fiësta, een trio voor bruiloften en partijen. In een dorp waar aan voordrachten en ‘wensjes’ extreem veel aandacht werd besteed, was het niet ongewoon dat je als muzikant van bruiloftsgasten aanvragen kreeg voor begeleidingen van zang en dans. Dat extra huiswerk -voor éénmalige toepassingen – was allemaal ‘part of the show’, en stelde in de regel niet veel meer voor dan het begeleiden van wat simpele liedjes.

Rossini & Dorus – Largo Al Factotum

Dick de Boer (van Puk), een Bekende Volendammer, kwam bij mijn ouders thuis (ik zal een jaar of 18 zijn geweest) met een stapel muziekpapier onder zijn arm van dit stuk. Hij wilde graag op een naderend bruiloftsfeest Dorus (Tom Manders) nadoen, iets dat hem trouwens best goed afging. Of ik het voor elkaar kon krijgen hem te begeleiden op de muziek van Rossini (Largo Al Factotum – het bekende, vlotte muziekstuk, bij velen beter bekend als Figaro). Ik ging de uitdaging aan. Ik had 2-3 weken tijd om dit na mijn werk in te studeren. In de Amvo zou het moeten gaan gebeuren. Op die bewuste avond waren er op dat feest zo’n 200 mensen aanwezig. De staande ovatie (compleet met “bravo’s” ) die wij na afloop kregen, klinkt nog steeds na als een echo van mijn herinneringen.

Ken je me nog?

Jaren later (1997) speelde ik in een duo met Jan Snoek​, ook op feesten en partijen (duo Liberace). Dick van Puk belde mij, vroeg ‘Ken je me nog?” Mijn antwoord luidde: “Haha.. hoe kan ik dat hoogtepunt in mijn carrière – dat ik aan jou te danken had – vergeten?” Enfin, Dick vroeg ons te spelen op zijn bruiloft t.g.v. zijn 34-jarig huwelijk. Toen ik terloops opmerkte dat dit een wat ongebruikelijk jubileum was, was het antwoord: “…ik è gien zin om te wachten, Ab! We kennen ut wel es niet aole..!” Zijn woorden zouden later onbedoeld een wrange bijbetekenis krijgen.

Lach, clown

Nu gaat het gewone leven voor gewone muzikanten ook gewoon zijn gang. En zo gebeurde het dat mijn vader 1 week voor dat feest overleed. Woensdags werd hij begraven, de zaterdag daarna zouden Jan Snoek en ik voor de familie De Boer het feest gaan spelen. In overleg met moeder besloten toch die avond te spelen; het zou immers schier onmogelijk worden voor de familie De Boer om vervanging te vinden. Toen ik de vraag aan haar voorlegde, sprak mijn oude moedertje de wijze woorden: “….als jij denkt het aan te kunnen, doen. Je vader komt er niet mee terug als je thuisblijft.”  Enfin, een denkbeeldige knop werd omgezet – het leven van een artiest kan voeren langs paden van euforie, maar ook van grillige en ronduit tegengestelde emoties. Het clowntje moet lachen, ook als het zelf verdriet heeft.

Op avond van Dicks feest, wederom in de Amvo, een respectabel aantal gasten was al compleet, was iedereen vol goede moed. De zomer stond voor de deur (begin juni) en er hing werkelijk iets van een feestelijke stemming in de lucht. Jan en ik zaten al op het podium met snaar en toets in de aanslag, het was niet meer dan 5 minuten vóór aanvang. Toen kwam de onheilstijding binnen. Het noodlot had nog geen uur geleden toegeslagen: de broer van Dicks vrouw was, toen hij zich in voorbereiding op het feest in de badkamer stond te scheren, overleden. Nogal onverwacht, dat mag duidelijk zijn. Ik voelde me op dat moment vreemd, leeg, onbestemd. Dit feest was ‘never ment to be’.

Toen Dick later vroeg wat hij ons schuldig was, was het antwoord: niks. Dit was overmacht. Hij nodigde me uit de week daarop langs te komen voor een bakkie. Het werd een Frans cognacje. Hij stond erop om de helft van onze gage te betalen. Het was mij een grote eer om dergelijke mensen te hebben mogen ontmoeten in mijn jaren als reizend muzikant.

Ik ga dit muziekstuk opnieuw instuderen, ter nagedachtenis aan mijn ouweheer die mij altijd motiveerde, en voor Dick de Boer (van Puk).

Coming out

WimSonneveld

 

 

 

JulieAndrews

 

 

 

 

 

Zaterdag 20 juni 2015

OK, het is zover, ik ga het nu toegeven, ik moet het kwijt. Wat de hele wereld al mijn halve leven heeft gezien, behalve ik zelf, is nu een feit. Ik heb een al decennia lang bestaande voorliefde vandaag ook zelf onderkend. Ik ben al mijn hele leven liefhebber van (onder meer!) oudbakken, klassieke Hollandse muziek. ‘Ouwe mensenmuziek’, noemden mijn vrienden en familie dat vroeger. Voor vele volwassenen is dit nog altijd een schande, een ondoorbreekbaar taboe. Zij zijn nog in de kast. Net zoals de ultieme macho hetero die heimelijk biseksuele fantasieën koestert. Gepest en uitgelachen hierom, maar het kan me allemaal niks meer schelen. Hollands muziekje? Ja, graag! Uit de periode dertiger jaren totaan 1970, als het mag. Maar niet hardcore, hoor! Het is niet zo dat ik nu de hele dag op zoek ben naar alles wat kraakt en Nederlands is. Graag toch wel de bekendere, commerciële hits. Maar ook klassiekers als ‘My truly fair’ van Guy Mitchell, die ik op het moment van dit schrijven hoor. Net zoals ik met heel mijn hart hou van brute, naakte Rock ’n Roll van bv. grootmeester Jerry Lee Lewis of de grootste feesthit aller tijden: Woolly Bully van Sam The Sham & The Pharaos.

Zaterdagmorgengedachten
Vanmorgen alleen thuis, koffie, en de radio aan, heerlijk relaxed. Bijzonder gevoel overigens, best aan te raden! Enfin, omdat de radiozenders maar weer eens overhoop lagen na de fusie Ziggo-UPC, was mijn favoriete zender verdwenen: Xlt Nostalgia. (Een associatie met drop dringt zich hier op – zie een eerdere Facebook post op mijn tijdlijn.) Dus maar weer eens zappen naar radiozenders die mijn geliefde oud-Hollandse shit willen draaien. Hier moet ik nog een bekentenis kwijt – ik ben nu toch bezig, ik gooi gewoon alles eruit; zelfs al hoorde je op Nostalgia vaak hetzelfde repeterende playlistje, toch had ik het liever dan het huidige Nederlandse repertoire. Ik kan het niet helpen dat dat mij allemaal zo geforceerd en zielloos in de oren klinkt.

Daarstraks – voor de zoveelste keer – bij de slotaccoorden en de weergaloos toegevoegde emotionele klanken van Wim Sonneveld in “Het hondje van Dirkie” moest ik een extra slokje koffie wegslikken, dat er eigenlijk niet was. Het zal de leeftijd zijn.

Toch werden ook in oude dagen moderne fouten gemaakt. Zo vind ik persoonlijk dat je als zanger ongeacht stijl of smaak uiterst voorzicht moet zijn met het zg. ‘coveren’ van bestaande muziek. En ik doel dan puur op het opnieuw opnemen, dus niet het uitvoerend vertolken voor een klein publiek. Men vergelijkt namelijk onbewust altijd met de originele zangerd. En die competitie ga je nooit winnen, al was het alleen al vanwege het tijdspad. Men kent het origineel al zoveel langer als jouw versie. Daarbij is jouw versie niet altijd beter…

Ik hoorde bv. na grootmeester Wim Sonneveld een cover van Sylvain Poons, ‘De Olieman’ van Louis Davids. Een vertolking die de kleine Grote Man niet echt eer aandeed. Ik kreeg werkelijk een beeld voor ogen van een tandeloze bejaarde die het tempo bij lange na niet meer kon bijbenen, compleet met de zwoegende muzikanten in de studio die krampachtig zichzelf proberen af te remmen, intussen beleefd zwijgend, maar in hoofdletters op het voorhoofd tonende: “…mijn hemel, dit schiet niet op….. kom op, nou…”

Gelukkig heb ik mijn radiozender gevonden.
Pfff… wat een opluchting….

TomJones

 

 

CorryBrokken

Hoe heet dit wijsje?

Een wijsje dat ik ooit ergens oppikte, jaren geleden, het al jarenlang speel.
Zonder dat ik enig idee van de titel of componist heb.

Wie weet het?
HoeHeetDitWijsje

Het antwoord: Nadia’s Theme, uit ‘Michael Strogoff, koerier van de tsaar’