In memoriam: Trompy Pet

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Een huisdier, het geeft je gezelschap. Een beetje leven in huis. Een kopje, een krauwtje, die grote knuffelige haarbol op vier poten die heeft geleerd dat als hij geluidjes maakt, hij jouw aandacht trekt. Baas, mag ik wat brokjes? Of op schoot? Of naar buiten? Ik moet zo nodig… 

Ja, een paar jaar terug besloten wij dus een poezebeest uit het asiel te adopteren. We kwamen er binnen, om te kijken of er een van de vele verschoppelingetjes met ons klikte. Zou er één tussen zitten, die er uit sprong? Na wat rondlopen kwamen we in een kamertje met een aantal hokjes. In één van de hokjes begon een rode kater ineens zenuwachtig heen en weer te drentelen, druk krauwend en wauwelend. Alsof ie opgewonden was, er iets gebeurd was. Hij trok onze aandacht. Ik pakte hem op en dat leek hij geweldig te vinden, maar ook wel weer eng, want hij snorde wel, maar wilde tegelijk weer terug zijn hokje in. En ja hoor, onze keus bleek zonder overleg dezelfde: we waren beiden voor deze rode rakker gevallen. Later zei ik gekscherend tegen mijn vrouw: “..alsof ie al een tijdje op ons had gewacht…” Er werd ons verteld dat hij al 2 keer eerder in het asiel geweest was. De laatste keer was hij bij een mijnheer, die hem nadat hij was weggelopen niet meer terug wilde hebben. Het deed mij denken aan het klassieke kinderboek ‘Kruimeltje’. Omdat hij in het asiel al Trompy werd genoemd, wilden wij dit niet nog eens anders gaan doen, maar anders hadden wij hem misschien wel Kruimeltje genoemd. Het karakter paste ook wel bij het boekpersonage: niet groot van stuk, maar hij stond zijn mannetje.

Enkele dagen later, na alle inentingen en formaliteiten, mochten we hem op komen halen. Het was voor ons allemaal spannend. Vanwege een sterfgeval in de familie moest mijn vrouw juist de eerste week dat wij hem in huis kregen, op reis naar Amerika. Ik was dus de hele eerste week samen met Trompy, in zijn nieuwe huis. Die was in het begin bang. Hij vond een plekje waar hij zich de eerste dagen verschuilde: op het kastje achter de tv. Met eindeloos geduld en lieve gesprekjes kreeg ik hem uiteindelijk zover dat hij achter de tv vandaan kwam. Niet veel later zat hij bij mij op schoot, om nooit weer weg te gaan.

Op zijn Tromp Tower

Onze Trompy werd de grootste vrienden met Soxco, een oudere zwartgrijze kater die we als kitten hadden gekregen. Toen Soxco in 2013 overleed, was Trompy wekenlang niet meer zichzelf. Mr. T. was namelijk een sociaal en ontzettend lief kereltje. Trompy mocht ook graag ontsnappen naar boven, naar onze slaapkamer. Hij lag dan bovenop de dekens te wachten, tot ik hem kwam ophalen. Ik pakte hem dan altijd op en droeg hem in mijn armen naar beneden. Het snorren klonk dan dat het een aard had. Hij vond dat altijd een geweldig ritueel. Zo heeft kennelijk elke kat zijn eigen liefhebberijtje: Soxco droeg ik vroeger de trap op, naar zijn eigen slaapkamertje (ja, echt…;) en Trompy droeg ik de trap af… 

Ik heb weleens gelezen dat geluidjes maken geen natuurlijk gedrag is voor katten, maar dat zij dat aanleren omdat ze door krijgen dat wij daar  gevoelig voor zijn. Ja, uw kat praat tegen u omdat hij iets van u wil! Want ook bij ons was het als bij de meeste kattenbezitters: wij waren in dienst van de poes. En mr. T. had ook zijn geluidjesrepertoire, waarvoor wij vanzelfsprekend als een blok vielen. En wanneer hij in het kastje aan de voet van zijn krabpaal lag te slapen, kon hij snurken, zo hard als een ouwe zwerver..

Baas, kom op nou..

Als ik op de tv-fauteuil wilde gaan zitten, was hij bij de stoel, vóór ik er was. Ik strekte dan mijn benen uit en hij kwam op schoot zitten, in mijn buik kruipen. En ja, wat doe je dan? Kriebelen en kroelen. Gedachteloos. En dat snorren… soms ging ie gewoon ‘uit de bocht’. Dan klonk het alsof ie extra druk zette en kwam er een soort van zinderend, hoog geluidje bij. Dat was toch zó ontzettend lief.. 

 

 

De laatste weken werd het minder met hem. Ik pakte hem elke dag wel één of meerdere keren op, om hem te knuffelen. Dan zat hij op mijn hand en snorde als een brommer. Maar de laatste weken ging dat niet meer zo lekker. Dan begon ie te kwekken en te murmelen. Ik deed mijn vriendje pijn. De dierenarts dacht aan artrose. We kregen een pijnstillend middel mee. Bijwerking: braakneigingen. Mensenlief, dat was niet leuk. Het arme dier leed duidelijk onder dit medicijn. En zonder dat er een druppel vocht uitkwam. Hartverscheurend om je vriendje zo te zien worden overvallen door stuiptrekkingen die hij niet kan controleren. 

 

Gisteravond lag hij naast mij op de bank. Mijn vrouw had een kleedje op de bank neergelegd. Zij zou morgen met hem naar de dierenarts gaan. Ik heb afscheid van hem genomen. Wij wisten door ervaringen al hoe de diagnose waarschijnlijk zou uitvallen. Met zijn grote ogen keek hij me aan, en wilde nog gaan staan, zoals hij dat duizenden keren eerder had gedaan. Nog één keer bij mij op schoot komen zitten. Maar hij had er de kracht niet meer voor. Ik ben naast hem gaan zitten en heb hem geaaid en gekroeld tot ik mijn arm niet meer kon liften. En snorren, snorren…!

Rouw. Hoe andere huisdiereneigenaren dat hebben, weet ik niet. Ik hou mezelf voor: ‘het is en blijft uiteindelijk een dier’. In een soort poging om de onontkoombare dag van afscheid wat te relativeren en voor te bereiden. Maar de waarheid is dat je jezelf voor het lapje houdt, het dier en jij ongemerkt met elkaar vergroeid raken. En als dan de dag van afscheid komt – altijd onverwacht – voel je je alsof je een stukje van jezelf kwijt bent geraakt. Een lid van het gezin is heengegaan. Wat hield ik veel van dat kleine, aanhankelijke kroelkereltje.

Midas Dekkers, bioloog: “..er is maar één soort rouw…”

Onze vriend is niet meer.
Wij hebben hem alles gegeven.
Dank voor je gezelschap, mijn rode vriend.

 

In English…

A pet, it gives you company. A little life in the house. A head stroke, a pur, the big cuddly hair bulb on four legs that has learned that when it makes noises, it attracts your attention. Boss, can I get some chunks? Or on your lap? Or outside? I really have to go now….

Yes, a few years ago we decided to adopt a female cat from the shelter. We came in to see if one of the many outcasts clicked with us. Would one of them jump out of it? After some walking around we arrived in a room with a number of cubicles. In one of the cubicles a red male suddenly started to stroll nervously back and forth, busy crowing and waffling. As if it was excited, something had happened. He caught our attention. I picked it up and he seemed to love it, but also scary, because it snored and at the same time wanted to go back into it’s cage. And yes, our choice turned out to be the same without consultation: we had both fallen for this little red rascal. Later I jokingly said to my wife: “…as if it had been waiting for us for a while…”. We were told that it had been to the shelter twice before. The last time it was with an owner who didn’t want it back after it was run away. We had to think of the classic children’s book ‘Kruimeltje’. Because our rascal was already called Trompy in the shelter, we did not want to change it’s name again, otherwise we would have called him Kruimeltje.

A few days later, after all the vaccinations and formalities, we were allowed to pick it up. It was exciting for all three of us. Because of a death in the family (Raymond Baretto) my wife had to travel to America just the first week we got him in the house. So I was the whole first week together with Trompy in it’s new home. It was afraid in the beginning. Mr. T.  found a spot where he hid the first days: on the cabinet behind the TV. With endless patience and sweet conversations I finally got him to the point where he came from behind the TV. Not much later he sat on my lap to never leave again.

On its Tromp Tower

Our Trompy became the biggest friends with Soxco, an older black-grey male we had as a kitten. When Soxco died in 2013, Trompy was no longer its self for weeks. Mr. T. was a social and very sweet little guy. Trompy also liked to escape upstairs, to our bedroom. It  was lying on top of the blankets waiting for me to pick him up. I always picked him up and carried him down in my arms. The purring then sounded as loud as a car. T always thought that was a great ritual. Apparently every cat has its own hobby: I used to carry Soxco up the stairs to his own bedroom (yes, really…;) and I carried Trompy down the stairs….

I have read before that making noises is not a natural behaviour for cats, but that they learn it because they realise that we are sensitive to it. Yes, your cat is talking to you because he wants something from you! Because also with us it was like with most cat owners: we were in the service of the cat. And mr. T. also had his sound repertoire, for which we obviously fell as a block.

Let’s watch tv together

And every time I wanted to sit in the TV chair, T was with the chair before I arrived. I would stretch my legs and he would sit on my lap, crawl into my stomach. And well, what do you do? Tickle and cuddle. Thoughtless. And that purring…. sometimes T just went really nuts. Then it sounded as if he was putting extra pressure and a kind of shimmering, high sound was added. That was so incredibly sweet…

 

The last few weeks it was getting worse. I picked him up every day one or more times to cuddle him. Then he sat on my hand and snored like a moped. But the last few weeks it wasn’t going so well anymore. Then he started to grow and murmur as if it hurt him. The vet thought of osteoarthritis. We were given a painkiller. Side effect: vomiting tendencies. Sweet Lord, that was not fun. The poor animal suffered from these vomiting tendencies. And without a drop of fluid coming. It was heartbreaking to see your boyfriend fight in convulsions that he could not control.

Yesterday evening he was lying next to me on the couch.

My wife had put a dress on the couch and I said farewell to him. We already knew from our experiences how the diagnosis would probably turn out. With his big eyes he looked at me and wanted to stand up. As he had done thousands of times before, he wanted to sit on my lap again. But he didn’t have the strength for it anymore. I just sat next to him and stroked and cuddled him until I could no longer lift my arm. And purring, lots of purring…!

I don’t know how other pet owners have that. I tell myself: ‘in the end it is and remains an animal’. In a kind of attempt to put the inevitable day of farewell somewhat into perspective and to prepare myself for it. But the truth is that you’re just fooling yourself and the animal and you imperceptibly grow together. And when the day of farewell comes – always unexpectedly, you feel as if you have lost a piece of yourself. A member of the family has passed away. How much did I love that little, affectionate cuddly guy.

Midas Dekkers, biologist: “…there is only one kind of mourning…”.

Our friend has passed.
We gave mr T everything.
Thank you for your company, my little red friend.

T’s favorite spot

Zelfgedokter en zorgelijke wachttijden – Deel 1

dokter

Mijn ouwe tante Grietje zei vroeger al: “…je moete je eige dokter weze….”
Ik had nooit kunnen vermoeden hoeveel waarheid haar woorden zouden gaan bevatten. Pure noodzaak door een in zijn voegen krakende gezondheidszorg waarvoor we in Nederland ook nog eens financieel kaalgeplukt worden.
Er was eens…. een lichamelijke klacht. Mijn verhaal.

Maart 2015 – een val

Ik maakte in maart 2015 een val. Knie en bovenbeen bleven lang stijf. Erg lang, achteraf bekeken; 8 maanden. En ik wist het niet. In mei op vakantie de Grand Canyon te voet afgedaald en weer terug. Pootje links voelde stijver dan het andere. Maar na enkele dagen wordt de verzuring weer afgevoerd en ga je door met genieten van het leven van alledag. Ik had geen pijn, dus dacht er niet aan om naar een dokter of fysio te stappen.

Oktober 2015 – quadriceps losmasseren

In oktober kwam ik voor een vraag bij een fysiotherapeut, die en passant constateerde dat mijn bovenbeenspieren wel erg hard waren. Er werd losgemasseerd en “dry needling” toegepast. Dit was op 1 specifieke plaats veel te gevoelig; ik vloog van de bank als was ik Linda Blair (The Excorcist). Vanaf die dag begon het feest. De pijn in mijn bovenbeenspieren werd gestadig vervelender. Wat begon met zenuwprikkelingen werd later zenuwpijn. Althans, dit begreep ik pas later. Tot voor kort wist ik nog niet wat zenuwpijn was.

November 2015 – pijnopbouw

Mijn nachtrust raakte nu continu verstoord. Een mens draait in zijn slaap wat af zonder het te weten, maar bij mij ging dit niet echt ongemerkt meer. Als ik met het gekwetste linkerpootje afzette om op mijn geliefde rechterzij te gaan liggen, schoot ik wakker totaan het plafond. Het was dan alsof iemand met een groot, bot keukenmes in mijn bovenbeen kerfde. Een paar van deze ontwakingen en je voelt je ’s morgens als een geplette tomaat. De fysio besloot dat ik naar de neuroloog moest gaan voor een beeldvormend onderzoek. De fysio dacht zelf aan een beknelde zenuw in de heup die vanuit de rug moest komen. Hij zou later 100% gelijk krijgen, en probeerde nu met druk in de onderbuik en liesstreek de zenuw te manipuleren. Met als gevolg: achteruitgang, meer pijn. Gaande het procedé van klachtentoename kreeg ik hoegenaamd niet of nauwelijks informatie meer los van zowel fysio als huisarts. Ik had mailcontact met fysio en het privénummer van mijn huisarts gekregen. Ze wilden helpen, maar meer dan pijnstilling was kennelijk niet mogelijk. Het leek bijna alsof zij bang waren dingen uit te spreken die zij niet konden verantwoorden. Na veel vragen mijnerzijds begreep ik uiteindelijk dat ik een niet-alledaagse klacht had. Waneer er namelijk sprake zou zijn van een hernia, klopte de pijnklacht hier niet bij. Er zou uitstraling moeten zijn naar de voet. Die uitstraling was er dus niet. Heb ik dat weer? Een klacht die niet in het boekje staat? Ja, dus.

Do 26-11-15: afspraak neuroloog dr. Reinders
De pijn was nog niet ondraaglijk, wel al best vervelend. De neuroloog dr. Reinders van het door mijn buurman Jaap Mol zo geliefde Waterlandziekenhuis kneep eens wat in mijn been en streelde er met een kippenveer overheen. Of ik wat voelde. Ja. De huid die op bepaalde plaatsen dood aanvoelde, registreerde nog wel iets, dus ja, ik voelde wat. Welnu, er zouden wat tests volgen om aan te tonen hoeveel informatie de zenuwen in mijn been nu wel en niet doorlieten. De afspraken werden gemaakt. Ik zou in totaal 3 keer terug moeten komen en 4 weken moeten wachten alvorens een uitslag te vernemen. Ik liep toen nog niet met krukken.

Vr 27-11-15: orthopedisch schoenmaker
Omdat je wanneer je pijn hebt, de wereld afsjouwt vanuit de luie stoel met Google, zat ik wel stil, maar mijn vingers en de computer niet. Je betheoretiseert alle denkbare mogelijkheden, dus ook bekkenscheefstanden en beenlengteverschillen. Op naar de orthopedisch schoenmaker. De man hoorde mijn verhaal aan. Van oktober 2013 tot half 2014 een hardloopgril; ik was aan het rennen geslagen. Na veel rugproblemen in het verleden was ik met hulp van Sport & Therapie Jeroen Bijman in Purmerend steeds verder opgeknapt. Ik had de racefiets weer mogen bestijgen, de skeelers weer aangegord en low and behold: ik ging weer hardlopen! Iets dat mijn allerstoutste dromen verre overtrof. Serieuze voorbereidingen waren destijds getroffen: hardloopinstructie van een therapeut en schoenen van Runnersworld. De orthopedisch schoenmaker luisterde het verhaal uit, maar vertelde het al bij binnenkomst aan mijn schoenen te hebben gezien. Hij was even kort als helder in zijn betoog: al mijn huidige problemen waren veroorzaakt door verkeerde hardloopschoenen. Ik moet zeggen dat zijn uitleg en videobeelden zeer overtuigend overkwamen.

Za 28-11-15: oefeningetje funest
Na een weinig soepele en lang niet pijnvrije wandeling in het dorp met mijn vrouw, dacht ik dat het wellicht slim zou zijn om, nu de spieren warm waren, wat grondoefeningen te doen die ik nog kende van de core-stability trainingen die ik in het verleden gevolgd had. Ach, wat wil je? Je weet niet wat het probleem is, de medici tasten in het duister, de neuroloog laat 4 weken op zich wachten en je hebt pijn. Dus je gaat zelf maar proberen uit te dokteren wat wel en niet goed werkt. Ik heb vroeger veel gesport en geloof niet in passiviteit en angst voor pijn als het aankomt op fysieke ontwikkelingen. Maar deze keer zat ik mis. De summiere oefeningetjes die ik had gedaan waren achteraf gezien funest geweest. Gaande de zaterdag werd de pijn erger en vervelender. Ik ben die avond naar bed gegaan met een zetpil van 1000mg Paracetamol en 400mg Ibuprofen. Daar slaapt een olifant ook goed op, zo verzekerde een vriend mij kort geleden.

Zo 28-11-15: foltering
6:30: Wakker. Pijnvrij geslapen! Ik was stomverbaasd en dacht: niet slecht, Ab! Ik helemaal blij. En de gedachte had nog maar net mijn grijze hersencellen beroerd, toen het begon. Langzaamaan, steeds meer, steeds erger. De pijn in mijn buitenste bovenbeenspier kwam op als het bekende sneeuwvlokje dat eindigde in een allesverwoestende lawine. Er werden spijkers en botte messen in mijn bovenbeen gestoken, waarna er vervolgens flink mee geroerd werd. Ik stapte kreunend uit bed in een werktuiglijke poging van houding te veranderen. Mijn vrouw schrok wakker en ik ging binnen seconden over van kreunen naar praten. Dat praten werd schreeuwen. Een kwartier lang heb ik in bed helse pijnen uitgestaan in mijn achterpootje. Zij- en voorkant bovenbeen werden voor mijn gevoel opengereten en met pincethoeveelheden tegelijk ontdaan van inwendig weefsel. Alsof mijn been vezel voor vezel ontleed werd. Zonder verdoving. Ik ging kapot. Zo moest het voelen wanneer een school piranha’s je botten kaalvreet. Toen mijn vrouw zag dat mijn mond stijf werd, besloot ze dat het tijd werd om het noodnummer 112 te bellen. Ik had de tegenwoordigheid van geest om tijdens het telefoontje van mijn vrouw ondanks de pijnaanval gelijk maar weer een zeppelin van duizend milligram in mijn zonnetje te rammen in de hoop dat dit verbetering zou geven. Dat zou nog ongeveer nog een tweede kwartier duren. Het langste kwartier van mijn leven. Vijftien minuten waarin ik voor vijftien jaar pijn heb gehad. Mijn vrouw kon zich aan de telefoon niet verstaanbaar maken bij de noodcentrale door mijn geschreeuw van pijn. Zij was zo geschrokken dat ze tijdens het wachten op de noodarts buiten een enorme lucht wilde scheppen en in de struiken overgaf van de schrik, opgedaan in het laatste half uur.

7:15 De noodarts. Dr. Haverkamp met een compaan aan mijn bed. Ik kon me nauwelijks verstaanbaar maken door mijn stijve broodmolen. Ook mijn handen deden spastisch. Ik kon niets vasthouden. Later begreep ik dat dit door hyperventilatie kon worden veroorzaakt. Haverkamp: “Kunt u staan?” Ik stapte uit bed en mijn been werd weer afgerukt onder de heup. Maar ja, ik kon dus staan. Zolang ik maar niet bewoog. Maar zover reikte het onderzoek van Hendrik Haverkamp al niet meer. “Neemt u maar pijnstilling en zoek contact met de huisarts.” Ik kreeg het op dat moment niet voor elkaar het te zeggen, maar dacht: wat kwam de man hier eigenlijk doen? Dit had ik zelf ook wel kunnen bedenken.

8:30 De pijnduivel had van de zetpil van duizend milligram geen geld terug en was weer even uitgeschakeld, maar loerde op een snelle manier om wakker te worden. Ik belde nu zelf de huisartsenpost. Vrouwtje aan de lijn. Ik: “Wordt dit gesprek opgenomen?” Ja. Ik weer: “Ik wilde even mijn stem laten horen. Dr. Haverkamp heeft namelijk zojuist iemand anders gehoord. Ook wilde ik laten weten, dat wanneer er iets met mij gebeurt, ik dr. Haverkamp hiervoor verantwoordelijk hou.” De stem vroeg een ogenblik geduld, want zoals het goede telefonistes betaamt, mocht zij hoogstwaarschijnlijk niet zelf denken. Ik kreeg de regie-arts aan de lijn. Laat dit nou net mijn eigen huisarts zijn, dr. Iflé. Of ik langs kon komen.

9:40 Huisartsenpost, op krukken. Met hulp van mijn buurman Gernot in een angstwekkend grote BMW SUV maar Purmerend, waar ik ondanks de hoge instap met helse pijnen in en uit ben gekropen. Ik kreeg een injectie in het been en een vracht Tramadol, Diazepam en Ibuprofen mee. Het hielp allemaal ontstellend weinig. Thuis werd het zitten in de relaxfeauteuil. Dit zou 3 weken duren, inclusief ’s nachts. Mijn vrouw had die zaterdag een paar krukken gekocht, waarvoor ik haar tot mijn laatste levensdagen dankbaar zal blijven. Alles was pijnlijk: zitten, liggen, bewegen, hoesten, poepen, plassen, niezen, lachen. Het gaan zitten op de pot en weer opstaan werd structureel beloond met het uitscheuren van een groep spieren en zenuwen in mijn bovenbeen. Ik kon alleen maar proberen gefixeerd in één houding in mijn stoel te blijven hangen om scheurende pijnen in mijn bovenbeen en heupstreek te vermijden. Vermoeiend is dat.

Vervolg: Deel 2

Zenuwpijn

beenpijnZenuwpijn is niet fijn.
Wat is dat, zult u denken, zoals ik dat ook deed tot voor kort. Ik weet nu wat het is. Het is een gemene, scherpe pijn. Deed mij onwillekeurig een beetje denken aan seppuku, de rituele zelfmoord der samoerai in vroeger tijden, waarbij de buik horizontaal werd opengesneden, gevolgd door een verticale snede naar het hart.

 

 

In mijn geval voelde het alsof er met messen werd gekerfd en rondgespit in de spieren van mijn bovenbeen, om vervolgens de blootliggende spieren en pezen uit te rukken. Mijn hemel, wat kan dat een pijn geven.

Een beknelde zenuw

OK, wij mensen vinden het op een of andere verknipte manier toch fijn om de naam te kennen van de beul die ons zo grondig en langdurig pijnigt. Naast een hernia had ik dus een beknelde zenuw in mijn heup en gezien de gevonden symptoombeschrijvingen bij de vrienden van Koekel hou ik ook nog rekening met een verwaarloosde spierverkleving.

En nu?

Een beknelde zenuw geeft dus pijn, veel pijn. Maar nu we het weten: wat nu? Hoe nu verder? Is er iets aan te doen? Gaat het lang duren? De neuroloog van het Waterlandziekenhuis reageerde in mijn geval letterlijk schouderophalend. Misschien omdat ik hem te kennen gegeven had het niet echt te hebben gewaardeerd dat ik – krimpend van pijn – 4 weken geduld had moeten hebben en 3 keer terug heb moeten komen voor de uitslag van twee testjes die niet meer dan een half uur duurden.

Het enige dat gedaan kon worden om de pijn te verlichten, was een spuit in de zenuw om de zwelling te verminderen en de boel tot bedaren te brengen. Klonk mij lachwekkend in de oren na 4 weken. Een gevalletje mosterd na de maaltijd. Inmiddels ging het door alternatieve behandelingen en veel wandelen al een stuk beter.

Die 4 weken waren een soort van voorarrest. Zonder spuit. Ik had eenvoudig geen andere keus dan de pijn te ondergaan. Pijnstilling had ik al vrij vlot gestopt, aangezien die niet hielp en de lijst met bijwerkingen vele malen langer was dan de wekelijkse kassabon bij de supermarkt.

Medisch

Het is in elk geval wel fijn om te weten dat we een goede steun in de rug hebben als onze gezondheid in  het geding komt. Waterlandziekenhuis. Na een derde slechte ervaring in één jaar voelt het betreden van dit ziekenhuis voor mij lijnrecht tegenovergesteld aan dat wat het zou moeten zijn, nl. een plaats van toewijding en zorg. Doktoren zoeken net zover als hun neus lang is. De KNO begon tegen mij over een gehoorapparaatje, ik heb mijn gehoor inmiddels weer terug. De neuroloog komt na 4 weken met pijnbestrijding aankakken, meer niet. Het leven van een bejaarde werd tegen diens wil beëindigd op basis van leugens door erfenisjagers.

Een auto bij de garage wordt beter verzorgd.

Een woensdag

Blij dat ik op mijn werk ben.
Blij dat ik kan lachen.
Blij dat ik kan werken.
Blij dat ik kan slapen.
Blij dat ik ben.

Ik heb een ervaring gehad.
Ik moest een les leren.
Ik heb pijn niet kunnen voorkomen.
Ik heb een dodelijke leugen niet kunnen voorkomen.
Ik heb mensen ontmoet die hun nachtrust hebben verkocht.
Ik heb het kwaad in de ogen gekeken.

Ik ben wijzer geworden.
Ik ben sterker geworden.
Ik ben dankbaar voor gemoedsrust.
Ik ben dankbaar.

Luctor et emergo.

Waterland Ziekenhuis Purmerend – een tuincentrum

Ik heb het nooit kunnen vergeten

12 maart 2015
Mijn tweede vader, ome Ab Tuijp is overleden.
Ik was door mijn ouders naar hem vernoemd en draag zijn naam met trots. Helaas is zijn afscheid van het aardse leven vergezeld gegaan van minder fraaie ervaringen in het Waterlandziekenhuis te Purmerend.
Medisch mismanagement met dodelijk gevolg.

Contactpersoon Intensive Care

Ik was tot afgelopen dinsdag 1e contactpersoon met Intensive Care (Waterland Ziekenhuis Purmerend) van een 85-jarige patiënt die op zijn dood afging. Mijn ome en tweede vader is te vroeg weggeslipt, naar mijn idee. Maar dat is altijd zo wanneer je van iemand houdt. Schokkend is het wel als er lichtvaardig besloten wordt over dood en leven, zelfs wanneer het hoogbejaarde mensen betreft. Want dat is aantoonbaar gebeurd in Purmerend.

Door een fout in de administratie van het verzorigingshuis was ik contactpersoon. Begrijpelijk: ik stond in die rol ook bij mijn moeder vermeld die in het zelfde huis verbleef en ik droeg nog eens dezelfde naam ook als mijn ome. Ik had dus veel contact met intensive care gedurende een kleine week. Maandag 13:00. Gebeld door hoofd intensive care. “Wij gaan opereren.” Ik: “…wordt er iets van mij verwacht..? ” Hij: “Nee, die beslissing nemen wij.” Na mijn werk rond 17:00 bel ik om te horen hoe de operatie was verlopen. Een telefoonblondje weigert mij elke verdere vorm van informatie. Ik was perplex, geloofde mijn oren niet: “….iemand anders is 1e contactpersoon geworden. ” De naam van de nieuwe kreeg ik niet. Geen informatie meer over de patiënt, geen antwoord op vragen, niets meer. Daar ik familie in de 3e graad ben, wettelijk gezien logisch. Enig overleg of kennisgeving was netjes geweest. Saillant detail: ik had de 2e graad meteen na de ziekenhuisopname laten weten dat ik geen bezwaar had als iemand van hen contactpersoon zou zijn. Was zelfs meer op zijn plaats geweest. Geen reactie. Later zou blijken dat de familie de doktoren eenvoudig misleid had met botte leugens. Met als gevolg het overlijden van een 85-jarige man die met ons nog een borrel dronk en niet zoals de doktoren voorgelogen was ‘al kwijlend gevoerd moest worden’.

Communiceert Intensive Care met mensen of met gevallen?

Moreel gezien is het zelfs op een koemarkt schofterig om zonder enige vorm van overleg of informatie alle communicatie te verbreken met een medemens. Laat staan in de gegeven situatie, met iemand die samen met zijn broers en hun partners ongeveer de afgelopen 20 jaar de zorg op zich had genomen van zijn kinderloze ome en tante. Die 20 jaar is een ruwe schatting; mijn broers en ik kenden hen als een soort van dubbele ouders vanaf onze wieg. Zij hadden zelfs in onze jongste jaren geen naam: “Noom” (Volendams voor: ome) en “Pijt” (tante), alsof er geen andere ooms en tantes in de wereld bestonden voor ons. Dit is altijd zo gebleven.

Contactpersonen in de zorg

Contactpersoon ben je als dichtstbijzijnde naaste van de patiënt. Met diens dankbare goedvinden, wel te verstaan. Na zonder meer te zijn afgekapt door een ziekenhuistelefoonblondje, gaat na 2 dagen radiostilte mijn telefoon. Het laatste wat ik verwachtte: Waterlandziekenhuis aan de lijn.
Een dame: “Bent u 1e contactpersoon?”
Ik: “Niet meer. Ik ben uit mijn ‘functie’ ontheven zonder verdere plichtplegingen. Is dit niet in jullie administratie verwerkt, dan?” Korte stilte.
Zij: “U staat in mijn gegevens als 1e contactpersoon te boek. Ik wil even laten weten dat het niet goed gaat met de patiënt.”
Ik: “Meent u dit nou? Hebben jullie nou echt niet de gegevens van nieuwe 1e cp in jullie administratie verwerkt?”
Zij, hakkelend: “Ja…eh.. nee… kennelijk niet…”
Ik: “…Ik licht de familie in, maar wil wel even dit kwijt: als dit in mijn bedrijf was gebeurd, kwamen er nu een aantal zéér zware gesprekken!…”
Zij: “….ik begrijp uw frustratie. Sorry en dank voor uw hulp…” Dat was overigens het eerste en laatste bedankje dat ik ooit kreeg in deze kwestie.

Mag je je eigen ziekenhuis kiezen?

Wij hebben geen keus. Tenzij je je de allerduurste zorgverzekeringspolis kunt veroorloven, word je als inwoner van Volendam naar dat foutenbolwerk gebracht waar met mensen wordt omgegaan als vlees in een supermarkt. Dat Waterlandziekenhuis in Purmerend functioneert in managementtermen slechter dan het eerste het beste tuincentrum. Het is een gelukje als je er levend uit komt.

Films en muziek – terug naar hifi

macmini

Al een aantal jaren had ik een heuse mediaplayer (merk: Mede8ter) werkeloos staan. Door ergernis en slecht presterende apparatuur had ik het fenomeen video- en audiogenot zelfs geheel uit het oog verloren. Herkenbaar? Welnu beste lezer, verheugt u, er is een oplossing voor ons beeld- en geluidsliefhebbers, die iets meer willen!

Geluid en beeldgenot met computertechniek, kan dat? Ja
Je oude stereoapparaten zijn een keer aan vernieuwing toe. Daarnaast wil je toch ook graag meegaan met de tijd en de nieuwste technieken gebruiken. Maar zelfs als je bereid bent hiervoor in de buidel te tasten, is een keuze nog niet eenvoudig. Want wat moet ik nu gaan aanschaffen? Welke apparatuur is er voor audio- en videofielen, die stabiele, betrouwbare apparatuur willen, en zelfs misschien met één druk op de knop willen genieten van mooie klanken en HD beelden? Wel, sinds kort zie ik weer licht in de duisternis. Ik geniet weer volop van films en muziek. En voor de bediening gebruik ik een gerieflijk draadloos toetsenbord en een superdoordachte draadloze muis. Ik ben zo verrukt als een kind met een handvol geld in een snoepwinkel.

Net-niet optie 1: smart TV
Half jaar geleden een slimme tv aangeschaft. Kort samengevat: de smart tv is slim, maar het is en blijft een tv die computer wil zijn en dat nooit zal worden. Het zwakke punt: de bediening, ofwel het ontbrekende toetsenbord. Denk even aan het intikken van een lange titel op de website ‘Uitzending gemist’, maar dan met een onhandig afstandbedieninkje waarbij je moet schuiven om letters één voor één te selecteren. Klooien en pielen op een vierkante centimeter dus. Het verplicht werken met apps (waarin we verwend zijn met Apple die hierin voor mij de enige echte is) betekent telkens weer een moeizame zoektocht. Conclusie: voor invoer van tekst is een toetsenbord nodig en het zoeken van wat dan ook is direct op het wereldwijde web toch het lekkerste. Ook zijn codecs (hierover zo meer) niet altijd gegarandeerd.

Net-niet optie 2: bluetooth apparaten en stereo
Mediaplayers, laptops, tablets en andere standaard varianten om films en audio af te spelen zijn leuk, maar geluids- en beeldkwaliteit blijven van inferieure kwaliteit. Om audiobestanden (bv mp3) goed te laten klinken, is zwaarder materieel nodig: een DAC. Een DAC is een apparaat dat digitale signalen (computer) converteert naar analoge signalen (versterker). Je computer doet dit ook via de interne geluidskaart, maar ook hier is alle waar naar zijn geld. Een DAC converteert geluid op een hogere resolutie. Jawel, ook geluidsbestanden kennen een resolutie. Dit wordt aangegeven in (k)bps: (kilo)bits per seconde. De ‘Hi’ in ‘HiFi’ vraagt gewoon investering. DAC, dus.

OK, ik wil dus: hifi beeld/geluid + bedieningsgemak. Wat heb ik dan nodig?

Het moge duidelijk zijn: om in je huiskamer te genieten van audio- en videokwaliteit is meer nodig. Het pc-gedeelte in smart tv is als werken door een sleutelgat, mediaplayers missen computerfunctionaliteiten en hebben ‘shitty’ interfaces. Allemaal oplossingen die niet voldoen voor degene die iets goeds in huis wil halen. We hebben dus nodig: een (i.v.m. plaatsing bij stereo niet al te grote) computer, die beeld en geluid goed ondersteunt. Dan kom je toch uit bij de Macmini van Apple.

De hardware
Van wat vrienden kreeg ik wat tips:

  • Vriend 1 zei: “.. koop een MacMini(*) en een DAC(**)…”
  • Vriend 2 zei: “…koop een NAS(***) voor opslag grote bestanden en maak je eigen cloud thuis…”
  • Vriend 3: ga ik nog uitnodigen, want hij heeft een Vlink…. Ben ik nu een freak?

Toelichtingen:

  • (*) Mac Mini is een heuse Mac pc ter grootte van een theelichtje (foto boven).
    Let op: het woordje ‘mini’ slaat op de kast, allerminst op de prestaties!
    Randapparatuur voor MM koop je apart.
    Als scherm gebruik je je slimme tv, muis draadloos, toetsenbord draadloos, dvd drive apart, netwerkaansluiting.
    Een ware openbaring!
  • (**) DAC = digitaal analoog converter.
    De noodzaak voor goed klinkende audio.
    Ook een slechte mp3 (128 kbps) klinkt hiermee goed.
    Mijn keuze: DacMagic Plus van Cambridge.
    Deze speelt (uitsluitend) stereo audio prachtig af, en kan DTS 5:1 signalen doorgeven naar de versterker.
  • (***) NAS = network attached storage.
    Een flink en snel werkend schijfstation met netwerkaansluiting voor opslag van je bestanden. In de meterkast (koel) zetten, op je router aansluiten, en hierop je je favoriete audio en video opslaan. In feite ‘stream’ je dan je audio en video naar tv en/of versterker. En je kunt ook je eigen cloud ook nog eens benaderen van buiten af. Ik heb gekozen voor het merk Synology – ietjes duurder, maar je krijgt wel kwaliteit.

De software
Mijn fervente Windowsvriend zei mij: “… je gaat met je mac stuklopen op je video-codecs….” Codecs (coderen en decoderen) zijn kleine stukjes software die de aansturing van de vele verschillende videoformaten (mpeg, flac, mkv, iso etc..) mogelijk maken. Anders gezegd: die heb je nodig om films te kunnen afspelen.

Mijn vriend vergiste zich: met de gratis videoplayer VLC (voor Mac / Windows) heb je alles in huis. Kwaliteit, bedieningsgemak, gratis downloaden op heb web. En voor de gadgetjager is er ook nog een iPad app, waarmee je ook nog eens een superprecieze afstandsbediening met extra mogelijkheden ter beschikking hebt voor je VLC player. Maar het mooiste is de intuïtieve en kinderlijk eenvoudige bediening met muis en toetsenbord van je ‘speler’.

Enkele veelgebruikte handelingen die mij telkens weer een zucht van verlichting en genot doen slaken in VLC op de Mac:

  • Snelspoelen: veeg horizontaal over de muis
  • Volume: veeg verticaal over de muis
  • Pauze/Start: spatiebalk of muisklik

Betrouwbaarheid en degelijkheid – and the winner is…
Ik heb geen aandelen in Mac en de leveringen bij Applestore verlopen ergerlijk traag. Maar het mooie van Mac computers is dit: het werkt. Altijd. Draadloos werkt ook. Altijd. Je krijgt bij de Macmini zelfs een prachtige, handzame remote. Een die werkt, ook voor website players (Uitzending Gemist). Altijd.

Wauw… dit is pas genieten….

Het is alsof iets in mij weer tot leven gewekt is en ik mijn oude liefdes Beeld & Geluid terugvond. Ik geniet weer!

 

Fietsen en lekker eten: HappenEnTrappen.nl

bosfoto

Vandaag een prachtige dag gehad met fietsen in een prachtige omgeving.
Wat maakte deze dag zo bijzonder? Het was een soort van culinaire route die alleen maar bestond uit genieten van de mooie zomerse omgeving en het heerlijke eten.

Met Happen en Trappen kies je een route in een provincie naar keuze, betaal je een alleszins aanvaardbaar bedrag vooruit en hoeft verder eigenlijk slechts van ‘gerecht naar gerecht’ te fietsen.

We reden deze keer de route ‘Tussen bos en rijk’ vanaf startpunt Doorn, zagen de mooiste plekjes en bospaadjes, en hoefden de gehele dag eigenlijk nergens aan te denken als het vinden van het volgende restaurant.

Bij het startpunt ontvang je een routestandaard (voor op de fiets) en drinkt koffie. Alleen de drankjes bij de maaltijden zijn niet bij de prijs inbegrepen en moet je zelf betalen. De routebeschrijvingen waren duidelijk en de maaltijden voortreffelijk. We hebben genoten van een prachtige dag.

Happenentrappen.nl

Xmas tune

Hoe vaak ik dit ook hoor, ik blijf erom lachen…
En ik moet zeggen: kunstig gedaan..!

spacer

Zwerfkatten afschieten is wreed

15805384-chat-gris-chat-blanc_klein

Dierenvriend en kattenhouder als ik ben, doet het mij pijn om te zeggen, maar het opruimen van zwerfkatten is noodzakelijk. Maar de barbaarse oplossing van het afschieten, daar moet een eind aan komen. Jaarlijks worden in Nederland zo’n 10.000 katten afgeschoten. Barbaarse methoden. Waarom moeten we vooral niet grijpen naar het geweer en diervriendelijker oplossingen zoeken?

 

Schietsport op leven

Het schieten op levende wezens is de wreedst denkbare vorm van sport. Het (al of niet ten dele) kapot geschoten worden voelt voor dieren niet anders als voor mensen. Nu zult u wellicht denken: koeien worden toch ook afgeschoten? Waarom is dat in dit geval dan zo fout? Antwoord: omdat de koe de schietbuis op zijn kop gezet krijgt en daarbij ook nog stilstaat. Zwerfkatten laten zich niet benaderen, zitten ver weg. Dus bij schieten op wilde katten is het in zeer veel gevallen bijna een zekerheid dat het schot niet geheel, maar TEN DELE zijn doel MIST. Met andere woorden: het dier raakt alleen maar licht- dan wel zwaar gewond. Knal, bloed, pijn.

Want laten we eerlijk zijn: niet iedereen is een scherpschutter als Lee Harvey Oswald, nietwaar? De mythisch geworden figuur, die er in slaagde president Kennedy in een rijdende auto in het hoofd te raken. (Inmiddels is wel duidelijk geworden, dat ook hij dit inderdaad niet heeft gekund.)

Terug naar de katten. Zie je de bloederige slachtingen al voor je? Want ook een vriendelijk schot hagel (een kogel klinkt zo crú, nietwaar?) is voor een kat niet echt een pretje te noemen. Kun je – zelfs al zouden alle kleine kogeltjes in zo’n patroon doel treffen – zeker zijn van een snelle en pijnloze dood ? Ik heb grote moeite om dit te geloven.

Een aangeschoten dier dat in plaats van gedood slechts verwond is, gaat in de meeste gevallen een pijnlijke en langzame gruweldood tegemoet. Als het beestje wegkruipt en geen hulp krijgt, is dit gewoon een zekerheid. Hoe kunnen dierenvrienden in één zin zeggen ‘ik ben tegen dierenleed’ en voorstander zijn van martelmethoden als schieten?

De kans

De kans om een verwilderde zwerfkat met een wapen ineens vakkundig te raken, cq. snel en pijnloos te doden, is zo klein als het winnen van de lotto. De kans om een zwerfkat met een wapen niet te doden, maar slechts gruwelijk te verwonden is daarentegen zo groot als een sporthal. Schieten is een barbaarse liefhebberij met 100% kans op bloederig lijden.

Het schot

Wat gebeurt er wanneer je op een zwerfkat schiet, en het dier bijvoorbeeld in zijn pootje raakt? Pootje kwijt of verminkt, kat vlucht op de overgebleven pootjes, zal hoogstwaarschijnlijk een stil plekje zoeken om in alle eenzaamheid en onder veel lijden op zijn dood te wachten. Het beestje bloedt gewoon dood. Soms tergend langzaam. Want laten we wel zijn, je gelooft toch niet in alle ernst dat je ooit in je leven een kans krijgt om je nobele werk af te maken en nóg eens op deze kat te schieten? Nee, toch? Dat wordt dus in (te) veel gevallen een gruwelijke, langzame dood voor onze toch al zo onfortuinlijke zwervers.

Stem TEGEN

Mensen die tegen dierenleed zijn, kunnen niet anders als onderstaande petitie van de Dierenbescherming te ondertekenen. Voor het opruimen van zwerfkatten zijn diervriendelijker oplossingen. Stop de lustmoord. Help zoeken naar diervriendelijker manieren van opruiming. Stem TEGEN het afschieten van katten en VOOR het werken met diervriendelijker oplossingen.

http://www.dierenbescherming.nl/NEE/

P.S.: mijn wellicht harde bewoordingen betekenen NIETS in vergelijking tot de pijn die een aangeschoten dier ervaart

Hardloopcursus – les 1

JeroenBijman

Gisteravond de eerste hardlooples gehad bij Sport en Therapie (Jeroen Bijman) in Purmerend. Voor een zeer betaalbaar bedrag leer je hier heel veel op een erg leuke manier. Ik had in mijn jonge jaren weleens gerend. En dan deed ik zoals zovelen: ik liep. Zonder te weten hoe en waarom, liep ik zoals ik dacht dat het moest. Och arme…

 

 

Hardlopen? Kun je dat leren?

Ik wist niet eens dat het bestond: hardloopcursus.
Maar wis en waarachtig, zelfs naast mijn deur! Tenslotte is Purmerend en Volendam met de auto 10-15 minuten rijden, nietwaar? Hoe het ook zij, meteen al in de eerste les kreeg iedereen die meedeed al een aantal zaken te horen, die geheel nieuw waren. Hoe hou je je handen? Hoe beweeg je je armen? Hoe hoog hou je je armen? Wat gebeurt er met je lichaam tijdens het lopen? De loopbewegingen ontleed en fysiologisch toegelicht. Een schat aan informatie voor iedereen die weleens een rondje trimt, of zelfs maar rent om de bus te halen!

Hardlooples van een deskundige

Het is zeer prettig om uitleg over je eigen fysiek te krijgen van iemand waarvan je weet dat hij deskundig is. Tenslotte, als iemand iets weet over ons fysiek bewegingsapparaat, is het wel de fysiotherapeut, nietwaar? Je kunt tijdens het lopen de man alle denkbare vragen stellen. Dit is voor mij werkelijk een soort van openbaring. Heerlijk, gewoon! Je bent gezond bezig en leert ook nog eens wat! Wie heeft het?? Warming-up, cooling-down, afwikkeling van de voet, alle uiterst belangrijke zaken komen voorbij. Uitermate leerzaam!

Schoenen, kleren en andere spullen

Uiteraard hoort bij de cursus ook advies over de aanschaf van goede schoenen, lichtgevende vesten, verlichting, kleren etc. Ook zeer prettig! Als beginnende loper weet je bijvoorbeeld niet dat wanneer je je hardloopschoenen 2 jaar in de kast laat staan, deze maar beter niet meer voor rennen kunt gebruiken. Zoals een motorhelm met de jaren eerder gevaarlijk dan veilig wordt omdat de binnenschaal verhardt, drogen hardloopschoenen uit en verdwijnt dus de demping mettertijd. ‘Goede schoenen zijn belangrijk’ is uiteraard een understatement, zoals er geen tweede bestaat. En je krijgt ook nog eens goede adressen aangereikt waar kundige verkopers goede service verlenen bij de aanschaf van betrouwbare spullen. Ook weer zeer prettig.

Conclusie: zeer leerzaam en zeer leuk om te doen!
Ik kan niet wachten…

Jeroen Bijman, bedankt!