Zelfgedokter en zorgelijke wachttijden – Deel 1

dokter

Mijn ouwe tante Grietje zei vroeger al: “…je moete je eige dokter weze….”
Ik had nooit kunnen vermoeden hoeveel waarheid haar woorden zouden gaan bevatten. Pure noodzaak door een in zijn voegen krakende gezondheidszorg waarvoor we in Nederland ook nog eens financieel kaalgeplukt worden.
Er was eens…. een lichamelijke klacht. Mijn verhaal.

Maart 2015 – een val

Ik maakte in maart 2015 een val. Knie en bovenbeen bleven lang stijf. Erg lang, achteraf bekeken; 8 maanden. En ik wist het niet. In mei op vakantie de Grand Canyon te voet afgedaald en weer terug. Pootje links voelde stijver dan het andere. Maar na enkele dagen wordt de verzuring weer afgevoerd en ga je door met genieten van het leven van alledag. Ik had geen pijn, dus dacht er niet aan om naar een dokter of fysio te stappen.

Oktober 2015 – quadriceps losmasseren

In oktober kwam ik voor een vraag bij een fysiotherapeut, die en passant constateerde dat mijn bovenbeenspieren wel erg hard waren. Er werd losgemasseerd en “dry needling” toegepast. Dit was op 1 specifieke plaats veel te gevoelig; ik vloog van de bank als was ik Linda Blair (The Excorcist). Vanaf die dag begon het feest. De pijn in mijn bovenbeenspieren werd gestadig vervelender. Wat begon met zenuwprikkelingen werd later zenuwpijn. Althans, dit begreep ik pas later. Tot voor kort wist ik nog niet wat zenuwpijn was.

November 2015 – pijnopbouw

Mijn nachtrust raakte nu continu verstoord. Een mens draait in zijn slaap wat af zonder het te weten, maar bij mij ging dit niet echt ongemerkt meer. Als ik met het gekwetste linkerpootje afzette om op mijn geliefde rechterzij te gaan liggen, schoot ik wakker totaan het plafond. Het was dan alsof iemand met een groot, bot keukenmes in mijn bovenbeen kerfde. Een paar van deze ontwakingen en je voelt je ’s morgens als een geplette tomaat. De fysio besloot dat ik naar de neuroloog moest gaan voor een beeldvormend onderzoek. De fysio dacht zelf aan een beknelde zenuw in de heup die vanuit de rug moest komen. Hij zou later 100% gelijk krijgen, en probeerde nu met druk in de onderbuik en liesstreek de zenuw te manipuleren. Met als gevolg: achteruitgang, meer pijn. Gaande het procedé van klachtentoename kreeg ik hoegenaamd niet of nauwelijks informatie meer los van zowel fysio als huisarts. Ik had mailcontact met fysio en het privénummer van mijn huisarts gekregen. Ze wilden helpen, maar meer dan pijnstilling was kennelijk niet mogelijk. Het leek bijna alsof zij bang waren dingen uit te spreken die zij niet konden verantwoorden. Na veel vragen mijnerzijds begreep ik uiteindelijk dat ik een niet-alledaagse klacht had. Waneer er namelijk sprake zou zijn van een hernia, klopte de pijnklacht hier niet bij. Er zou uitstraling moeten zijn naar de voet. Die uitstraling was er dus niet. Heb ik dat weer? Een klacht die niet in het boekje staat? Ja, dus.

Do 26-11-15: afspraak neuroloog dr. Reinders
De pijn was nog niet ondraaglijk, wel al best vervelend. De neuroloog dr. Reinders van het door mijn buurman Jaap Mol zo geliefde Waterlandziekenhuis kneep eens wat in mijn been en streelde er met een kippenveer overheen. Of ik wat voelde. Ja. De huid die op bepaalde plaatsen dood aanvoelde, registreerde nog wel iets, dus ja, ik voelde wat. Welnu, er zouden wat tests volgen om aan te tonen hoeveel informatie de zenuwen in mijn been nu wel en niet doorlieten. De afspraken werden gemaakt. Ik zou in totaal 3 keer terug moeten komen en 4 weken moeten wachten alvorens een uitslag te vernemen. Ik liep toen nog niet met krukken.

Vr 27-11-15: orthopedisch schoenmaker
Omdat je wanneer je pijn hebt, de wereld afsjouwt vanuit de luie stoel met Google, zat ik wel stil, maar mijn vingers en de computer niet. Je betheoretiseert alle denkbare mogelijkheden, dus ook bekkenscheefstanden en beenlengteverschillen. Op naar de orthopedisch schoenmaker. De man hoorde mijn verhaal aan. Van oktober 2013 tot half 2014 een hardloopgril; ik was aan het rennen geslagen. Na veel rugproblemen in het verleden was ik met hulp van Sport & Therapie Jeroen Bijman in Purmerend steeds verder opgeknapt. Ik had de racefiets weer mogen bestijgen, de skeelers weer aangegord en low and behold: ik ging weer hardlopen! Iets dat mijn allerstoutste dromen verre overtrof. Serieuze voorbereidingen waren destijds getroffen: hardloopinstructie van een therapeut en schoenen van Runnersworld. De orthopedisch schoenmaker luisterde het verhaal uit, maar vertelde het al bij binnenkomst aan mijn schoenen te hebben gezien. Hij was even kort als helder in zijn betoog: al mijn huidige problemen waren veroorzaakt door verkeerde hardloopschoenen. Ik moet zeggen dat zijn uitleg en videobeelden zeer overtuigend overkwamen.

Za 28-11-15: oefeningetje funest
Na een weinig soepele en lang niet pijnvrije wandeling in het dorp met mijn vrouw, dacht ik dat het wellicht slim zou zijn om, nu de spieren warm waren, wat grondoefeningen te doen die ik nog kende van de core-stability trainingen die ik in het verleden gevolgd had. Ach, wat wil je? Je weet niet wat het probleem is, de medici tasten in het duister, de neuroloog laat 4 weken op zich wachten en je hebt pijn. Dus je gaat zelf maar proberen uit te dokteren wat wel en niet goed werkt. Ik heb vroeger veel gesport en geloof niet in passiviteit en angst voor pijn als het aankomt op fysieke ontwikkelingen. Maar deze keer zat ik mis. De summiere oefeningetjes die ik had gedaan waren achteraf gezien funest geweest. Gaande de zaterdag werd de pijn erger en vervelender. Ik ben die avond naar bed gegaan met een zetpil van 1000mg Paracetamol en 400mg Ibuprofen. Daar slaapt een olifant ook goed op, zo verzekerde een vriend mij kort geleden.

Zo 28-11-15: foltering
6:30: Wakker. Pijnvrij geslapen! Ik was stomverbaasd en dacht: niet slecht, Ab! Ik helemaal blij. En de gedachte had nog maar net mijn grijze hersencellen beroerd, toen het begon. Langzaamaan, steeds meer, steeds erger. De pijn in mijn buitenste bovenbeenspier kwam op als het bekende sneeuwvlokje dat eindigde in een allesverwoestende lawine. Er werden spijkers en botte messen in mijn bovenbeen gestoken, waarna er vervolgens flink mee geroerd werd. Ik stapte kreunend uit bed in een werktuiglijke poging van houding te veranderen. Mijn vrouw schrok wakker en ik ging binnen seconden over van kreunen naar praten. Dat praten werd schreeuwen. Een kwartier lang heb ik in bed helse pijnen uitgestaan in mijn achterpootje. Zij- en voorkant bovenbeen werden voor mijn gevoel opengereten en met pincethoeveelheden tegelijk ontdaan van inwendig weefsel. Alsof mijn been vezel voor vezel ontleed werd. Zonder verdoving. Ik ging kapot. Zo moest het voelen wanneer een school piranha’s je botten kaalvreet. Toen mijn vrouw zag dat mijn mond stijf werd, besloot ze dat het tijd werd om het noodnummer 112 te bellen. Ik had de tegenwoordigheid van geest om tijdens het telefoontje van mijn vrouw ondanks de pijnaanval gelijk maar weer een zeppelin van duizend milligram in mijn zonnetje te rammen in de hoop dat dit verbetering zou geven. Dat zou nog ongeveer nog een tweede kwartier duren. Het langste kwartier van mijn leven. Vijftien minuten waarin ik voor vijftien jaar pijn heb gehad. Mijn vrouw kon zich aan de telefoon niet verstaanbaar maken bij de noodcentrale door mijn geschreeuw van pijn. Zij was zo geschrokken dat ze tijdens het wachten op de noodarts buiten een enorme lucht wilde scheppen en in de struiken overgaf van de schrik, opgedaan in het laatste half uur.

7:15 De noodarts. Dr. Haverkamp met een compaan aan mijn bed. Ik kon me nauwelijks verstaanbaar maken door mijn stijve broodmolen. Ook mijn handen deden spastisch. Ik kon niets vasthouden. Later begreep ik dat dit door hyperventilatie kon worden veroorzaakt. Haverkamp: “Kunt u staan?” Ik stapte uit bed en mijn been werd weer afgerukt onder de heup. Maar ja, ik kon dus staan. Zolang ik maar niet bewoog. Maar zover reikte het onderzoek van Hendrik Haverkamp al niet meer. “Neemt u maar pijnstilling en zoek contact met de huisarts.” Ik kreeg het op dat moment niet voor elkaar het te zeggen, maar dacht: wat kwam de man hier eigenlijk doen? Dit had ik zelf ook wel kunnen bedenken.

8:30 De pijnduivel had van de zetpil van duizend milligram geen geld terug en was weer even uitgeschakeld, maar loerde op een snelle manier om wakker te worden. Ik belde nu zelf de huisartsenpost. Vrouwtje aan de lijn. Ik: “Wordt dit gesprek opgenomen?” Ja. Ik weer: “Ik wilde even mijn stem laten horen. Dr. Haverkamp heeft namelijk zojuist iemand anders gehoord. Ook wilde ik laten weten, dat wanneer er iets met mij gebeurt, ik dr. Haverkamp hiervoor verantwoordelijk hou.” De stem vroeg een ogenblik geduld, want zoals het goede telefonistes betaamt, mocht zij hoogstwaarschijnlijk niet zelf denken. Ik kreeg de regie-arts aan de lijn. Laat dit nou net mijn eigen huisarts zijn, dr. Iflé. Of ik langs kon komen.

9:40 Huisartsenpost, op krukken. Met hulp van mijn buurman Gernot in een angstwekkend grote BMW SUV maar Purmerend, waar ik ondanks de hoge instap met helse pijnen in en uit ben gekropen. Ik kreeg een injectie in het been en een vracht Tramadol, Diazepam en Ibuprofen mee. Het hielp allemaal ontstellend weinig. Thuis werd het zitten in de relaxfeauteuil. Dit zou 3 weken duren, inclusief ’s nachts. Mijn vrouw had die zaterdag een paar krukken gekocht, waarvoor ik haar tot mijn laatste levensdagen dankbaar zal blijven. Alles was pijnlijk: zitten, liggen, bewegen, hoesten, poepen, plassen, niezen, lachen. Het gaan zitten op de pot en weer opstaan werd structureel beloond met het uitscheuren van een groep spieren en zenuwen in mijn bovenbeen. Ik kon alleen maar proberen gefixeerd in één houding in mijn stoel te blijven hangen om scheurende pijnen in mijn bovenbeen en heupstreek te vermijden. Vermoeiend is dat.

Vervolg: Deel 2

Magic Mouse 2 laten vallen…

Magic-Mouse-2 openmaken

 

Tja, dat was dus lekker slim.

Ik laat eerst mijn oude muis vallen, koop de nieuwe en laat die ook vallen.
Maar… soms heb je gewoon mazzel.
De oude MM bleek niet kapot, maar haperde gewoon doordat de Bluetoothverbinding niet lekker zat. Heeft kennelijk toch een soort van line-of-sight nodig. Vreemd, voor Bleutooth..of heeft deze specifieke muis nou net een kort lontje met blauwe tanden?

De nieuwe muis was dus bij het enthousiast openen van de verpakking uit mijn vingers gegleden. De metalen schaal aan de onderkant verbogen, waardoor het rechtsklikken niet meer werkte. Shit….dacht ik. 90 euro naar de haaien. Winkelier Cooblue kon uiteraard niets doen met coulance voor een goede klant, dus de keuze was eenvoudig: weggooien of zelf proberen. Ik koos voor het laatste.

Met gevaar voor eigen leven en kapotte nagels de muis geopend en de verbogen metalen schaal in de bankschroef met tederheid in model teruggebogen. Het lukte zowaar; rechtsklikken ging weer. Alleen wilde de Mac nu het apparaat niet meer zien…
Shit… hebben we dat weer.

De oplossing: met draadje even koppelen aan de computer.
’t Apparaat werd herkend en na opladen werkt het ding toch een stuk prettiger dan de oude. Die nu tot reservemuis is gedegradeerd.

Ik ben toch wel erg gecharmeerd van Apple spullen.

Zenuwpijn

beenpijnZenuwpijn is niet fijn.
Wat is dat, zult u denken, zoals ik dat ook deed tot voor kort. Ik weet nu wat het is. Het is een gemene, scherpe pijn. Deed mij onwillekeurig een beetje denken aan seppuku, de rituele zelfmoord der samoerai in vroeger tijden, waarbij de buik horizontaal werd opengesneden, gevolgd door een verticale snede naar het hart.

 

 

In mijn geval voelde het alsof er met messen werd gekerfd en rondgespit in de spieren van mijn bovenbeen, om vervolgens de blootliggende spieren en pezen uit te rukken. Mijn hemel, wat kan dat een pijn geven.

Een beknelde zenuw

OK, wij mensen vinden het op een of andere verknipte manier toch fijn om de naam te kennen van de beul die ons zo grondig en langdurig pijnigt. Naast een hernia had ik dus een beknelde zenuw in mijn heup en gezien de gevonden symptoombeschrijvingen bij de vrienden van Koekel hou ik ook nog rekening met een verwaarloosde spierverkleving.

En nu?

Een beknelde zenuw geeft dus pijn, veel pijn. Maar nu we het weten: wat nu? Hoe nu verder? Is er iets aan te doen? Gaat het lang duren? De neuroloog van het Waterlandziekenhuis reageerde in mijn geval letterlijk schouderophalend. Misschien omdat ik hem te kennen gegeven had het niet echt te hebben gewaardeerd dat ik – krimpend van pijn – 4 weken geduld had moeten hebben en 3 keer terug heb moeten komen voor de uitslag van twee testjes die niet meer dan een half uur duurden.

Het enige dat gedaan kon worden om de pijn te verlichten, was een spuit in de zenuw om de zwelling te verminderen en de boel tot bedaren te brengen. Klonk mij lachwekkend in de oren na 4 weken. Een gevalletje mosterd na de maaltijd. Inmiddels ging het door alternatieve behandelingen en veel wandelen al een stuk beter.

Die 4 weken waren een soort van voorarrest. Zonder spuit. Ik had eenvoudig geen andere keus dan de pijn te ondergaan. Pijnstilling had ik al vrij vlot gestopt, aangezien die niet hielp en de lijst met bijwerkingen vele malen langer was dan de wekelijkse kassabon bij de supermarkt.

Medisch

Het is in elk geval wel fijn om te weten dat we een goede steun in de rug hebben als onze gezondheid in  het geding komt. Waterlandziekenhuis. Na een derde slechte ervaring in één jaar voelt het betreden van dit ziekenhuis voor mij lijnrecht tegenovergesteld aan dat wat het zou moeten zijn, nl. een plaats van toewijding en zorg. Doktoren zoeken net zover als hun neus lang is. De KNO begon tegen mij over een gehoorapparaatje, ik heb mijn gehoor inmiddels weer terug. De neuroloog komt na 4 weken met pijnbestrijding aankakken, meer niet. Het leven van een bejaarde werd tegen diens wil beëindigd op basis van leugens door erfenisjagers.

Een auto bij de garage wordt beter verzorgd.

MuzikantenMijmering – Eerbaar publiek: Dick de Boer

dorus

(Bewerking eerder gepubliceerde post op Facebook met opschrift: Muzikantenherinneringen. )
Tijdje gezocht..gevonden!
Mijn verhaal bij dit stuk, een leuke herinnering.
Largo al Factotum

 

(Bovenstaande foto geplaatst bij gebrek aan een foto van Dick de Boer.)

Feestje spelen?

In de tijd dat er nog geen mp3 orkestbanden bestonden – en van deze muziek al helemaal niet – en er nog bruiloften werden gegeven, speelde ik in Fiësta, een trio voor bruiloften en partijen. In een dorp waar aan voordrachten en ‘wensjes’ extreem veel aandacht werd besteed, was het niet ongewoon dat je als muzikant van bruiloftsgasten aanvragen kreeg voor begeleidingen van zang en dans. Dat extra huiswerk -voor éénmalige toepassingen – was allemaal ‘part of the show’, en stelde in de regel niet veel meer voor dan het begeleiden van wat simpele liedjes.

Rossini & Dorus – Largo Al Factotum

Dick de Boer (van Puk), een Bekende Volendammer, kwam bij mijn ouders thuis (ik zal een jaar of 18 zijn geweest) met een stapel muziekpapier onder zijn arm van dit stuk. Hij wilde graag op een naderend bruiloftsfeest Dorus (Tom Manders) nadoen, iets dat hem trouwens best goed afging. Of ik het voor elkaar kon krijgen hem te begeleiden op de muziek van Rossini (Largo Al Factotum – het bekende, vlotte muziekstuk, bij velen beter bekend als Figaro). Ik ging de uitdaging aan. Ik had 2-3 weken tijd om dit na mijn werk in te studeren. In de Amvo zou het moeten gaan gebeuren. Op die bewuste avond waren er op dat feest zo’n 200 mensen aanwezig. De staande ovatie (compleet met “bravo’s” ) die wij na afloop kregen, klinkt nog steeds na als een echo van mijn herinneringen.

Ken je me nog?

Jaren later (1997) speelde ik in een duo met Jan Snoek​, ook op feesten en partijen (duo Liberace). Dick van Puk belde mij, vroeg ‘Ken je me nog?” Mijn antwoord luidde: “Haha.. hoe kan ik dat hoogtepunt in mijn carrière – dat ik aan jou te danken had – vergeten?” Enfin, Dick vroeg ons te spelen op zijn bruiloft t.g.v. zijn 34-jarig huwelijk. Toen ik terloops opmerkte dat dit een wat ongebruikelijk jubileum was, was het antwoord: “…ik è gien zin om te wachten, Ab! We kennen ut wel es niet aole..!” Zijn woorden zouden later onbedoeld een wrange bijbetekenis krijgen.

Lach, clown

Nu gaat het gewone leven voor gewone muzikanten ook gewoon zijn gang. En zo gebeurde het dat mijn vader 1 week voor dat feest overleed. Woensdags werd hij begraven, de zaterdag daarna zouden Jan Snoek en ik voor de familie De Boer het feest gaan spelen. In overleg met moeder besloten toch die avond te spelen; het zou immers schier onmogelijk worden voor de familie De Boer om vervanging te vinden. Toen ik de vraag aan haar voorlegde, sprak mijn oude moedertje de wijze woorden: “….als jij denkt het aan te kunnen, doen. Je vader komt er niet mee terug als je thuisblijft.”  Enfin, een denkbeeldige knop werd omgezet – het leven van een artiest kan voeren langs paden van euforie, maar ook van grillige en ronduit tegengestelde emoties. Het clowntje moet lachen, ook als het zelf verdriet heeft.

Op avond van Dicks feest, wederom in de Amvo, een respectabel aantal gasten was al compleet, was iedereen vol goede moed. De zomer stond voor de deur (begin juni) en er hing werkelijk iets van een feestelijke stemming in de lucht. Jan en ik zaten al op het podium met snaar en toets in de aanslag, het was niet meer dan 5 minuten vóór aanvang. Toen kwam de onheilstijding binnen. Het noodlot had nog geen uur geleden toegeslagen: de broer van Dicks vrouw was, toen hij zich in voorbereiding op het feest in de badkamer stond te scheren, overleden. Nogal onverwacht, dat mag duidelijk zijn. Ik voelde me op dat moment vreemd, leeg, onbestemd. Dit feest was ‘never ment to be’.

Toen Dick later vroeg wat hij ons schuldig was, was het antwoord: niks. Dit was overmacht. Hij nodigde me uit de week daarop langs te komen voor een bakkie. Het werd een Frans cognacje. Hij stond erop om de helft van onze gage te betalen. Het was mij een grote eer om dergelijke mensen te hebben mogen ontmoeten in mijn jaren als reizend muzikant.

Ik ga dit muziekstuk opnieuw instuderen, ter nagedachtenis aan mijn ouweheer die mij altijd motiveerde, en voor Dick de Boer (van Puk).

Coming out

WimSonneveld

 

 

 

JulieAndrews

 

 

 

 

 

Zaterdag 20 juni 2015

OK, het is zover, ik ga het nu toegeven, ik moet het kwijt. Wat de hele wereld al mijn halve leven heeft gezien, behalve ik zelf, is nu een feit. Ik heb een al decennia lang bestaande voorliefde vandaag ook zelf onderkend. Ik ben al mijn hele leven liefhebber van (onder meer!) oudbakken, klassieke Hollandse muziek. ‘Ouwe mensenmuziek’, noemden mijn vrienden en familie dat vroeger. Voor vele volwassenen is dit nog altijd een schande, een ondoorbreekbaar taboe. Zij zijn nog in de kast. Net zoals de ultieme macho hetero die heimelijk biseksuele fantasieën koestert. Gepest en uitgelachen hierom, maar het kan me allemaal niks meer schelen. Hollands muziekje? Ja, graag! Uit de periode dertiger jaren totaan 1970, als het mag. Maar niet hardcore, hoor! Het is niet zo dat ik nu de hele dag op zoek ben naar alles wat kraakt en Nederlands is. Graag toch wel de bekendere, commerciële hits. Maar ook klassiekers als ‘My truly fair’ van Guy Mitchell, die ik op het moment van dit schrijven hoor. Net zoals ik met heel mijn hart hou van brute, naakte Rock ’n Roll van bv. grootmeester Jerry Lee Lewis of de grootste feesthit aller tijden: Woolly Bully van Sam The Sham & The Pharaos.

Zaterdagmorgengedachten
Vanmorgen alleen thuis, koffie, en de radio aan, heerlijk relaxed. Bijzonder gevoel overigens, best aan te raden! Enfin, omdat de radiozenders maar weer eens overhoop lagen na de fusie Ziggo-UPC, was mijn favoriete zender verdwenen: Xlt Nostalgia. (Een associatie met drop dringt zich hier op – zie een eerdere Facebook post op mijn tijdlijn.) Dus maar weer eens zappen naar radiozenders die mijn geliefde oud-Hollandse shit willen draaien. Hier moet ik nog een bekentenis kwijt – ik ben nu toch bezig, ik gooi gewoon alles eruit; zelfs al hoorde je op Nostalgia vaak hetzelfde repeterende playlistje, toch had ik het liever dan het huidige Nederlandse repertoire. Ik kan het niet helpen dat dat mij allemaal zo geforceerd en zielloos in de oren klinkt.

Daarstraks – voor de zoveelste keer – bij de slotaccoorden en de weergaloos toegevoegde emotionele klanken van Wim Sonneveld in “Het hondje van Dirkie” moest ik een extra slokje koffie wegslikken, dat er eigenlijk niet was. Het zal de leeftijd zijn.

Toch werden ook in oude dagen moderne fouten gemaakt. Zo vind ik persoonlijk dat je als zanger ongeacht stijl of smaak uiterst voorzicht moet zijn met het zg. ‘coveren’ van bestaande muziek. En ik doel dan puur op het opnieuw opnemen, dus niet het uitvoerend vertolken voor een klein publiek. Men vergelijkt namelijk onbewust altijd met de originele zangerd. En die competitie ga je nooit winnen, al was het alleen al vanwege het tijdspad. Men kent het origineel al zoveel langer als jouw versie. Daarbij is jouw versie niet altijd beter…

Ik hoorde bv. na grootmeester Wim Sonneveld een cover van Sylvain Poons, ‘De Olieman’ van Louis Davids. Een vertolking die de kleine Grote Man niet echt eer aandeed. Ik kreeg werkelijk een beeld voor ogen van een tandeloze bejaarde die het tempo bij lange na niet meer kon bijbenen, compleet met de zwoegende muzikanten in de studio die krampachtig zichzelf proberen af te remmen, intussen beleefd zwijgend, maar in hoofdletters op het voorhoofd tonende: “…mijn hemel, dit schiet niet op….. kom op, nou…”

Gelukkig heb ik mijn radiozender gevonden.
Pfff… wat een opluchting….

TomJones

 

 

CorryBrokken

Hoe heet dit wijsje?

Een wijsje dat ik ooit ergens oppikte, jaren geleden, het al jarenlang speel.
Zonder dat ik enig idee van de titel of componist heb.

Wie weet het?
HoeHeetDitWijsje

Het antwoord: Nadia’s Theme, uit ‘Michael Strogoff, koerier van de tsaar’

Boeken naar iPad kopieren in iTunes 12

iTunes tips

Hoe kopieer je boeken naar de ipad?
En hoe krijg je die in je favoriete reader app?

 

 

In Apple OSX (met behulp van iTunes) verplaats/kopiëer je een bestand niet naar een schijf of computer, maar koppel je een ebook of PDF aan een applicatie. Vooral Windowsgebruikers kennen deze denkwijze niet, en zijn daardoor (soms lang) op het verkeerde spoor.

Hoe koppel ik PDF of epub bestanden aan een app in mijn iPad of iPhone?

  1. Sluit je ipad aan en ga naar iTunes
  2. Selecteer in iTunes je iPad
  3. Selecteer Apps (onder Instellingen)
    (je ziet nu rechts 2 kaders: Apps en Bestandsdeling)
  4. Selecteer onder Bestandsbeheer je favoriete reader
  5. Gebruik de knop Voeg toe en selecteer je boeken

Terug naar het oude Bladwijzerbeheer in Chrome

Bij een nieuwe installatie van Chrome werd ik geplaagd door een rampzalige nieuwe pagina voor bladwijzerbeheer. Lees hier hoe je terug kunt naar de vorige situatie.
  1. Open een nieuw tabblad in Chrome
  2. Kopieer dit adres in de URL balk: chrome://flags/#enhanced-bookmarks-experiment
  3. Kies in plaats van ‘standaard’ voor ‘uitgeschakeld’
  4. Herstart Chrome met de knop “Chrome opnieuw starten”, linksonder in beeld

Virtuele machines op de Macmini

macmini

Nadat ik de Macmini had ontdekt als mediacentre en deze alweer een tijdje voor dit doel tot volle tevredenheid had gebruikt, ben ik eens aan het spelen gegaan met virtuele machines. Voor wie dit niets zegt: een virtuele machine is in feite een computer binnen een computer. Je gebruikt op je eigen computer (host) een stukje software dat fungeert als een portaal van jouw virtuele machines. Bekende virtualisatie-applicaties zijn: VMware, Oracle Virtual Box (windows) en VmWare Fusion, Parallels (mac). In zo’n applicatie kun je virtuele computers aanmaken met zo ongeveer elk besturingssysteem. De meest gangbare besturingssytemen kennen we allemaal: Windows, Apple OS, Linux (variant: Ubuntu). Wil je als Windowsgebruiker eens Mac OS draaien? Gebruik virtualisatiesoftware Virtual Box van Oracle (gratis te downloaden) en installeer een Apple O(perating) S(ystem). Wil je als Macgebruiker eens Linux draaien? Gebruik Parallels en geniet van snelle downloadacties.

De voordelen van virtuele machines

Het allergrootste voordeel: snapshots.
De tijdrovende installatie van je besturingssyteem (en programma’s) is hiermee éénmalig. Plus het feit dat je met snapshots i.g.v. problemen supersnel terug kunt naar een vorige situatie. Een snapshot is een image van je virtuele machine, een soort fotografisch moment waarnaar je terug kunt grijpen. Zeer handig bij bv. Windows installaties.

Een groot nadeel van Windows is nl. – er gaat nu een golf van herkenning door de zaal – de supersnelle terugval in prestaties doordat zaken als de prullenmand, temp directories en de registry vollopen. Met snapshots worden back-ups en ‘disaster-recovery’ een peuleschil.

Tweede voordeel: cloning.
Je kunt een vm naar believen klonen (= dupliceren). Zo kun je dus in feite voor elke specifieke klus een aparte virtuele computer gaan gebruiken. In Windowsomgevingen handig; het wil nl. nog weleens voorkomen dat de ene applicatie de andere in de weg zit. Ander windowsprobleem: automatische updates en adware vertragen je systeem steeds meer. Op een dag vind je jezelf al koffiedrinkend en vingertrommelend achter een kop koffie zitten te wachten bij elke klik. Ik heb bv. nu een virtuele Windows7 voor webdesign & DTP applicaties en een voor Garmin apps.

Voorbereidingen host computer

De hostmachine moet natuurlijk allereerst over voldoende intern geheugen beschikken. Hoe meer geheugen je aan een vm kunt toewijzen, hoe beter de prestaties. Daarom heb ik mijn Macmini voorzien van 16G intern geheugen. Een aardige basis, waardoor je zelfs meerdere vm installaties tegelijkertijd kunt draaien. Het (letterlijk) schuiven tussen diverse vm’s gaat op de Mac verrassend makkelijk. Je hebt bijna niet door dat je op virtuele basis werkt. Werkt echt superglad gelikt op die Mac!

Prestaties Win7-64 virtueel

Win7 (64 bits) geïnstalleerd vanaf een ISO bestand.
De prestaties overtroffen mijn stoutste verwachtingen.
Win7 heeft nog nooit zo snel gedraaid – ook niet op de snelste desktop of laptop die ik ooit onderhanden had. En dit waren er inmiddels wat, geloof me maar.
Ook netwerkverbindingen, NAS en andere netwerkapparaten werden direct herkend en waren benaderbaar. Ik zat werkelijk vol verbazing met mijn ogen te knipperen. Typisch Mac: zonder enige moeilijkheid kon ik werkelijk meteen aan de slag. Dit kun je bij een ‘schone’ Windowsinstallatie gevoeglijk vergeten.

Enne… kort geleden zag ik op een cursus iemand die het andersom deed: had op een Windows host een virtuele Mac draaien. Schoot niet echt op. (Maximaal intern geheugen voor 32-bits machines is nog steeds 4G.) De vergelijking tussen een bestelbusje en een Bugatti Veyron Super Sport dringt zich hier op.

(Linux) Ubuntu 14.04

Deze gisteren geïnstalleerd. Draait ook prima. Ook hier geldt weer: draait veel mooier als op mijn Win7-64 (4G) laptopje met Oracle Virtual Box. Tja, die 4G… daar gaan we al: je kunt op zo’n laptopje niet meer dan 2g aan je vm toewijzen. Schiet niet op. Geloof me maar. Met Linux ben ik nog te onhandig. Binnenkort meer hierover.

Een woensdag

Blij dat ik op mijn werk ben.
Blij dat ik kan lachen.
Blij dat ik kan werken.
Blij dat ik kan slapen.
Blij dat ik ben.

Ik heb een ervaring gehad.
Ik moest een les leren.
Ik heb pijn niet kunnen voorkomen.
Ik heb een dodelijke leugen niet kunnen voorkomen.
Ik heb mensen ontmoet die hun nachtrust hebben verkocht.
Ik heb het kwaad in de ogen gekeken.

Ik ben wijzer geworden.
Ik ben sterker geworden.
Ik ben dankbaar voor gemoedsrust.
Ik ben dankbaar.

Luctor et emergo.